Het kan nuttig zijn om te noteren welk niveau van ondersteuning nodig is voor elk van de twee belangrijkste psy­cho­pa­tho­lo­gi­sche domeinen in tabel 2 (bijvoorbeeld ‘vereist zeer substantiële ondersteuning bij de deficiënties in de sociale communicatie en vereist substantiële ondersteuning voor het beperkte, repetitieve gedrag’). Vervolgens moet ofwel de specificatie ‘met bijkomende verstandelijke beperking’ of ‘zonder bijkomende verstandelijke beperking’ geregistreerd worden. Hetzelfde geldt voor de specificatie ‘met bijkomende taalstoornis’ of ‘zonder bijkomende taalstoornis’. Als er sprake is van een taalstoornis, moet het actuele niveau van het verbale functioneren geregistreerd worden (bijvoorbeeld ‘met bijkomende taalstoornis — onbegrijpelijk spreken’ of ‘met bijkomende taalstoornis — driewoordzinnen’).

Bij au­tis­me­s­pec­trum­stoor­nis­sen waarvoor de specificaties ‘samenhangend met een bekende genetische of somatische aandoening of omgevingsfactor’ of ‘samenhangend met een neurobiologisch ontwikkelings-, psychisch of gedragsprobleem’ van toepassing zijn, noteer dan ‘au­tis­me­s­pec­trum­stoor­nis samenhangend met [naam van de aandoening, stoornis of factor]’ (bijvoorbeeld: au­tis­me­s­pec­trum­stoor­nis samenhangend met tu­be­reu­zes­cle­ro­se­com­plex). Deze specificaties zijn van toepassing op klinische beelden waarbij de vermelde aandoening of het vermelde probleem mogelijk relevant is voor de klinische zorg; ze geven niet nood­za­ke­lij­ker­wijs een oorzakelijk verband aan met de au­tis­me­s­pec­trum­stoor­nis. Als het samenhangende neu­ro­bi­o­lo­gi­sche ontwikkelings-, psychische of gedragsprobleem voldoet aan de criteria voor een neu­ro­bi­o­lo­gi­sche ontwikkelings- of andere psychische stoornis, moeten zowel de au­tis­me­s­pec­trum­stoor­nis als de andere stoornis worden geclassificeerd.

TABEL 2

Mate van ernst van de au­tis­me­s­pec­trum­stoor­nis (voorbeelden van benodigde niveaus van ondersteuning)

Mate van ernst: niveau 3
‘Vereist zeer substantiële ondersteuning’

Sociale communicatie

Ernstige deficiënties in de verbale en non-verbale sociale-com­mu­ni­ca­tie­vaar­dig­he­den veroorzaken ernstige beperkingen in het functioneren, zeer beperkte initiatieven tot sociale interacties en een minimale reactie op sociale-toe­na­de­rings­po­gin­gen van anderen. De betrokkene spreekt bijvoorbeeld slechts enkele verstaanbare woorden en neemt zelden het initiatief tot sociale interactie, en als hij of zij dat wel doet, benadert hij of zij de ander op een ongewone manier, alleen om aan eigen behoeften te voldoen, en reageert hij of zij alleen op zeer directe sociale toenadering.

Beperkt, repetitief gedrag

Er is sprake van inflexibel gedrag, extreme moeite met het omgaan met veranderingen, of ander beperkt, repetitief gedrag dat duidelijk het functioneren op alle levensgebieden belemmert. De betrokkene heeft verhoogde stress door of grote moeite met het veranderen van de focus of de handeling.

Mate van ernst: niveau 2
‘Vereist substantiële ondersteuning’

Sociale communicatie

Duidelijke deficiënties in de verbale en non-verbale sociale-com­mu­ni­ca­tie­vaar­dig­he­den; duidelijk zichtbare sociale beperkingen, ondanks aanwezige ondersteuning; beperkte initiatieven tot sociale interacties; en verminderde of abnormale reacties op sociale-toe­na­de­rings­po­gin­gen van anderen. De betrokkene spreekt bijvoorbeeld alleen in eenvoudige zinnen, de interactie blijft beperkt tot zeer gelimiteerde interesses, en de betrokkene vertoont een duidelijk vreemde non-verbale communicatie.

Beperkt, repetitief gedrag

Inflexibel gedrag, moeite om met verandering om te gaan of ander beperkt, repetitief gedrag komt vaak genoeg voor om de toevallige waarnemer op te vallen en verstoort het functioneren in verschillende situaties. De betrokkene heeft verhoogde stress door of grote moeite met het veranderen van de focus of de handeling.

Mate van ernst: niveau 1
‘Vereist ondersteuning’

Sociale communicatie

Zonder ondersteuning veroorzaken de deficiënties in de sociale communicatie merkbare beperkingen. De betrokkene heeft moeite met het initiëren van sociale interacties en er zijn duidelijke voorbeelden van atypische of onsuccesvolle reacties op de sociale-toe­na­de­rings­po­gin­gen van anderen. De betrokkene kan verminderde belangstelling hebben voor sociale interacties. Hij of zij kan bijvoorbeeld volzinnen uiten en deelnemen aan de communicatie, maar slaagt er niet in om een over-en-weergesprek met anderen te voeren, en zijn of haar pogingen om vriendschap te sluiten zijn vreemd en blijven zonder resultaat.

Beperkt, repetitief gedrag

Inflexibel gedrag vormt een significante verstoring in het functioneren in een of meer situaties. De betrokkene heeft moeite met het overschakelen op andere activiteiten. Problemen met organiseren en plannen staan zelfstandigheid in de weg.

Als er sprake is van katatonie moet dat als volgt afzonderlijk geregistreerd worden: ‘katatonie bij au­tis­me­s­pec­trum­stoor­nis’. Zie voor meer informatie de criteria voor katatonie bij een andere psychische stoornis in het hoofdstuk ‘Schi­zo­fre­nies­pec­trum- en andere psychotische stoornissen’.

Deze site geniet auteursrechtelijke bescherming. Derhalve is afdrukken niet toegestaan.