In twee onderzoeken in Hongkong en Finland hingen frequente nachtmerries bij volwassenen van middelbare leeftijd in de algemene bevolking samen met een laag inkomen, stemmingssymptomen, insomnia of een ademhalingsgerelateerde slaapstoornis, en het gebruik van antidepressiva of frequent zwaar alcoholgebruik.
Omgeving Door slaapdeprivatie of fragmentatie van de slaap en onregelmatige slaap-waakschema’s die de timing, intensiteit of kwantiteit van de remslaap kunnen veranderen, hebben mensen meer kans op nachtmerries. Mensen die nachtmerries hebben, melden vaker voorvallen met tegenspoed in het verleden, maar niet noodzakelijkerwijs traumatiserende gebeurtenissen.
Genetica en fysiologie Onderzoek bij tweelingen heeft een genetische dispositie voor nachtmerries aangetoond en voor de mate waarin deze gelijktijdig optreden met andere nachtelijke gedragingen (bijvoorbeeld praten tijdens de slaap).
Factoren die het beloop beïnvloeden Wanneer ouders hun gedrag aan het kinderbed aanpassen aan de situatie, en bijvoorbeeld het kind geruststellen na een nachtmerrie, kunnen zij mogelijk voorkomen dat de nachtmerries chronisch worden.