De klinische expressie van schizofrenie bij mannen en vrouwen onderscheidt zich door een aantal kenmerken. De beginleeftijd is hoger bij vrouwen, met een tweede piek op middelbare leeftijd. Bij vrouwen komen meer en ernstiger affectieve symptomen voor. Zij hebben meer psychosesymptomen en mogelijk een grotere kans dat die psychosesymptomen op latere leeftijd verergeren. Een ander verschil is dat negatieve symptomen en desorganisatie bij vrouwen minder vaak voorkomen. Het sociale functioneren ten slotte blijft bij vrouwen vaak beter intact. Op deze algemene regels bestaan echter vele uitzonderingen.
Uit observaties blijkt dat psychotische symptomen verergeren tijdens de premenstruele periode — dan is sprake van een daling van het oestrogeengehalte; het percentage psychiatrische opnames is bij vrouwen met schizofrenie vlak vóór en tijdens de menstruatie dan ook hoger. Een lager oestrogeengehalte als gevolg van de menopauze is mogelijk een factor waardoor het ziektebegin van schizofrenie bij vrouwen op middelbare leeftijd een tweede piek vertoont. Op een vergelijkbare manier blijken psychotische symptomen te verbeteren tijdens de zwangerschap — dan is het oestrogeengehalte hoog — en weer te verslechteren wanneer het oestrogeengehalte post partum plotseling steil naar beneden gaat.