CLASSIFICATIECRITERIA
APolysomnografie laat episoden van een afgenomen ademhaling zien die gepaard gaan met verhoogde CO2-waarden. (NB Indien objectieve waarden van CO2 afwezig zijn, kunnen persisterende lage hemoglobinezuurstofsaturatiewaarden die niet gerelateerd zijn aan apneu- of hypopneuvoorvallen, een indicatie zijn voor hypoventilatie.)
Zoals het geval is bij de andere slaapstoornissen, zijn er specifieke polysomnografische bevindingen nodig om de classificatie te mogen toekennen. Ook moeten andere slaapstoornissen als oorzaak worden uitgesloten.
BDe stoornis kan niet beter worden verklaard door een andere actuele slaapstoornis.
Zoals het geval is bij de andere slaapstoornissen, zijn er specifieke polysomnografische bevindingen nodig om de classificatie te mogen toekennen. Ook moeten andere slaapstoornissen als oorzaak worden uitgesloten.
→Specificeer of:
R06.8
Idiopathische hypoventilatie Dit subtype kan niet worden toegeschreven aan een eenvoudig op te sporen stoornis of aandoening.
G47.3
Congenitale centrale alveolaire hypoventilatie Dit subtype is een zeldzame congenitale stoornis waarbij de betrokkene meestal in de perinatale periode een oppervlakkige ademhaling heeft, of cyanose en apneu tijdens de slaap.
G47.3
Comorbide slaapgerelateerde hypoventilatie Dit subtype komt voor als gevolg van een somatische aandoening, zoals een longaandoening (bijvoorbeeld longfibrose, COPD) of een neuromusculaire stoornis of thoraxwandafwijking (bijvoorbeeld musculaire dystrofie, postpoliosyndroom, cervicaal ruggenmergletsel, kyfoscoliose) of medicatie (bijvoorbeeld benzodiazepinen, opioïden). Het komt ook voor bij obesitas, waarbij het een uiting is van de combinatie van toegenomen ademarbeid door minder bewegingsruimte van de thorax en een ventilatie-perfusiewanverhouding en een variabel verlaagde prikkel voor de ademhaling. Dergelijke mensen hebben meestal een BMI hoger dan 30 en hypercapnie wanneer zij wakker zijn (met een pCO2 hoger dan 45) zonder andere aanwijzingen voor hypoventilatie.
De clinicus kan vastleggen of de hypoventilatie idiopathisch is, toe te schrijven is aan het zeldzame congenitale centrale alveolaire hypoventilatiesyndroom (dat zich in de perinatale periode manifesteert door een oppervlakkige ademhaling, of cyanose en apneu tijdens de slaap), of toe te schrijven is aan een comorbide aandoening, zoals een longziekte. De actuele ernst kan ook worden gespecificeerd.
→Specificeer actuele ernst:
De ernst wordt bepaald door de mate waarin hypoxemie en hypercapnie aanwezig zijn tijdens de slaap en door aanwijzingen voor eindorgaanschade als gevolg van deze afwijkingen (bijvoorbeeld rechtszijdig hartfalen). De aanwezigheid van afwijkingen in bloedgaswaarden tijdens het wakker zijn is een indicator voor een grotere ernst.
De clinicus kan vastleggen of de hypoventilatie idiopathisch is, toe te schrijven is aan het zeldzame congenitale centrale alveolaire hypoventilatiesyndroom (dat zich in de perinatale periode manifesteert door een oppervlakkige ademhaling, of cyanose en apneu tijdens de slaap), of toe te schrijven is aan een comorbide aandoening, zoals een longziekte. De actuele ernst kan ook worden gespecificeerd.