Volgens twee Amerikaanse epi­de­mi­o­lo­gi­sche onderzoeken met steekproeven uit de algemene bevolking, varieert de 12-maand­spre­va­len­tie van anorexia nervosa tussen 0,0 en 0,05%, met hogere percentages bij vrouwen dan bij mannen (0–0,08% bij vrouwen en 0–0,01% bij mannen), en varieert de levenslange prevalentie tussen 0,60 en 0,80% (0,9–1,42% bij vrouwen en 0,12–0,3% bij mannen). Daarentegen werden in een onderzoek onder adolescenten bij beide geslachten vergelijkbare percentages gevonden.

Anorexia nervosa blijkt het meest prevalent in postindustriële hoge-inkomenslanden als de Verenigde Staten, vele Europese landen, Australië, Nieuw-Zeeland en Japan. Hoewel de prevalentie van de stoornis onduidelijk is in de meeste lage- en mid­den­in­ko­mens­lan­den, lijkt deze in veel landen, waaronder in Azië en het Midden-Oosten, toe te nemen. Anorexia nervosa komt bij alle etnische groepen in de Verenigde Staten voor, maar de prevalentie lijkt hoger onder Afro-Amerikanen dan onder witte Amerikanen.

Deze site geniet auteursrechtelijke bescherming. Derhalve is afdrukken niet toegestaan.