Temperament Er is een verband tussen de gegeneraliseerde-angststoornis en gedragsinhibitie, negatieve affectiviteit (neuroticisme), leedvermijdend (harm avoidant) zijn, afhankelijkheid van beloning, en een overmatige aandacht voor gevaren.
Omgeving De gegeneraliseerde-angststoornis is in verband gebracht met negatieve ervaringen tijdens de kinderjaren en het gedrag van de ouders (bijvoorbeeld overbezorgdheid, bemoeizucht, bekrachtiging van vermijdend gedrag).
Genetica en fysiologie Het risico op het hebben van een gegeneraliseerde-angststoornis is voor een derde genetisch bepaald; deze genetische factoren overlappen met het risico op negatieve affectiviteit (neuroticisme) en gelden eveneens voor andere angststoornissen en stemmingsstoornissen, in het bijzonder de depressieve stoornis.