Angststoornis door een somatische aandoening
Heeft als vereiste de aanwezigheid van een somatische aandoening in de etiologie (bijvoorbeeld feochromocytoom). De classificatie gegeneraliseerde-angststoornis wordt niet toegekend als de gegeneraliseerde angst het gevolg is van de directe fysiologische effecten van een somatische aandoening.
Angststoornis door een middel/medicatie
Is het gevolg van de directe fysiologische effecten van een middel of medicatie en kan beginnen tijdens intoxicatie of onttrekking bij middelenmisbruik of kan optreden als een bijwerking van medicatie. De classificatie gegeneraliseerde-angststoornis wordt niet toegekend als de gegeneraliseerde angst het gevolg is van de directe fysiologische effecten van een middel op het centrale zenuwstelsel, zoals tijdens intoxicatie door cocaïne of onttrekking van een opioïde.
Paniekstoornis
Heeft als kenmerk angst en bezorgdheid over het krijgen van nieuwe paniekaanvallen. Een extra classificatie gegeneraliseerde-angststoornis mag alleen worden toegekend als er sprake is van nog andere angst en bezorgdheid dan die rondom de paniekaanvallen.
Sociale-angststoornis (sociale fobie)
Heeft als kenmerk excessieve angst en bezorgdheid, uitsluitend over sociale situaties. Een extra classificatie gegeneraliseerde-angststoornis mag alleen worden toegekend als er ook angst en zorgen zijn rondom niet-sociale situaties (bijvoorbeeld over het presteren op school of het werk).
Somatisch-symptoomstoornis of ziekteangststoornis
Heeft als mogelijk kenmerk excessieve angst en bezorgdheid, uitsluitend over de gezondheid, ziek worden of de ernst van lichamelijke symptomen (bijvoorbeeld bezorgdheid dat hoofdpijn op een hersentumor wijst). Een extra classificatie gegeneraliseerde-angststoornis mag alleen worden toegekend als er ook angst of bezorgdheid is over andere onderwerpen dan de gezondheid.
Separatieangststoornis
Heeft als kenmerk excessieve angst en bezorgdheid uitsluitend over scheiding van belangrijke hechtingspersonen. Een extra classificatie gegeneraliseerde-angststoornis mag alleen worden toegekend als ook angst en bezorgdheid een rol spelen die niet met scheiding te maken hebben.
Posttraumatische-stressstoornis of acute stressstoornis
Heeft als kenmerk angst die optreedt in samenhang met blootstelling aan interne of externe prikkels die een aspect van de psychotraumatische gebeurtenis symboliseren of hierop lijken, of als onderdeel van de gegeneraliseerde hyperarousal en reactiviteit die gepaard gaan met het blootgesteld zijn aan de psychotraumatische gebeurtenis. Een extra classificatie gegeneraliseerde-angststoornis mag alleen worden toegekend als er ook angst of bezorgdheid is over situaties die niet met de psychotraumatische gebeurtenis te maken hebben.
Anorexia nervosa of boulimia nervosa
Heeft als mogelijk kenmerk angst of bezorgdheid in samenhang met de vrees om aan te komen. Een extra classificatie gegeneraliseerde-angststoornis mag alleen worden toegekend als er ook angst of bezorgdheid is die niet met problemen rondom het gewicht te maken heeft.
Obsessieve-compulsieve stoornis
Heeft gewoonlijk als kenmerk repetitieve beangstigende gedachten die worden ervaren als intrusief, ongewenst, ongepast en egodystoon, en die gewoonlijk gepaard gaan met compulsies, bedoeld om de angst te verminderen. De bezorgdheid bij de gegeneraliseerde-angststoornis komt daarentegen meestal voort uit het dagelijks leven, en heeft te maken met zaken zoals verantwoordelijkheden op het werk, de gezondheid van gezinsleden, de financiën, of minder belangrijke onderwerpen als huishoudelijke karweitjes of te laat komen voor een afspraak.
Aanpassingsstoornis met angst
Heeft als kenmerk klinisch significante angstsymptomen die niet voldoen aan de criteria voor een specifieke angststoornis (met inbegrip van de gegeneraliseerde-angststoornis) en die optreden als reactie op een stressor.
Bipolaire-stemmingsstoornissen, depressieve-stemmingsstoornissen en schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen
Hebben vaak angst als bijkomend kenmerk, maar daarnaast ook andere specifieke symptomen die kenmerkend zijn voor de betreffende stemmingsstoornis of psychotische stoornis. De classificatie gegeneraliseerde-angststoornis mag niet afzonderlijk worden toegekend als de angst alleen is opgetreden tijdens het beloop van een bipolaire, depressieve of psychotische stoornis.
Niet-pathologische angst
Heeft als kenmerk zorgen die de betrokkene beter onder controle heeft of die niet ernstig genoeg zijn om klinisch significante lijdensdruk of beperkingen in het functioneren te veroorzaken.