Tics komen vaak voor in de kindertijd, maar zijn meestal van voorbijgaande aard. Een nationaal onderzoek in de Verenigde Staten kwam tot een prevalentieschatting van 3 per 1000 klinisch vastgestelde gevallen. De frequentie van gevallen was lager onder Afro-Amerikanen en Latijns-Amerikanen, wat te maken kan hebben met verschillen in toegang tot de zorg. De geschatte prevalentie van de stoornis van Gilles de la Tourette varieert in Canada tussen 3 tot 9 op de 1000 bij schoolgaande kinderen. Wereldwijd worden jongens vaker getroffen dan meisjes, waarbij de verhouding varieert van 2 : 1 tot 4 : 1. Uit epidemiologisch onderzoek is gebleken dat tics bij kinderen op alle continenten voorkomen, maar de prevalentiecijfers zijn wel beïnvloed door de onderzoeksmethoden.