Onderscheid met ticstoornissen
Hebben als kenmerk snelle, onwillekeurige, voortdurende, plotselinge, onregelmatige, onvoorspelbare, niet-stereotiepe bewegingen die doorgaans bilateraal zijn en waarbij alle lichaamsdelen zijn betrokken (het gezicht, de romp en de ledematen).
Hebben als kenmerk de gelijktijdig aanhoudende contractuur van zowel de agonistische als antagonistische spieren, die leidt tot een onnatuurlijke lichaamshouding of beweging van lichaamsdelen.
Heeft als kenmerk plotselinge bewegingen in één richting, die vaak niet-ritmisch van aard zijn, door bewegen verergeren en tijdens de slaap optreden. Myoclonieën kunnen van tics worden onderscheiden doordat ze snel optreden, niet kunnen worden onderdrukt en niet vooraf worden gegaan door voorspellende sensaties.
Nemen af wanneer het middel of de medicatie (bijvoorbeeld een stimulantium) wordt gestaakt; zij worden als on­ge­spe­ci­fi­ceer­de aan een middel gerelateerde stoornis of als ‘andere be­we­gings­stoor­nis door medicatie’ geclassificeerd.
Heeft als kenmerk niet-functionele, doorgaans ritmische, ogenschijnlijk drangmatige gedragingen die doorgaans complexer zijn dan tics.
Hierbij is sprake van een respons op een obsessie of het opvolgen van regels waar de betrokkene rigide aan vasthoudt.
Heeft als mogelijk kenmerk ge­des­or­ga­ni­seer­de of bizarre vocalisaties of gedragingen die gepaard gaan met de overige kenmerkende symptomen (bijvoorbeeld wanen, negatieve symptomen) en een karakteristiek beloop (een duidelijke achteruitgang van het functioneren).

Deze site geniet auteursrechtelijke bescherming. Derhalve is afdrukken niet toegestaan.