Als de oppositionele-opstandige stoornis blijft bestaan tijdens de verdere ontwikkeling, groeit het kind met de stoornis uit tot iemand die vaak conflicten heeft met de ouders, leerkrachten, leidinggevenden, leeftijdgenoten en liefdespartners. Deze problemen leiden vaak tot aanzienlijke beperkingen in de aanpassing van de betrokkene op emotioneel, sociaal, schools en beroepsmatig gebied.