Genetica en fysiologie Cheyne-Stokes-ademhaling is vaak aanwezig bij mensen met hartfalen. Co-existente atriumfibrillatie verhoogt de kans nog verder, net als een hogere leeftijd en man zijn. Cheyne-Stokes-ademhaling komt ook voor in samenhang met CVA en mogelijk nierfalen. De onderliggende respiratoire instabiliteit bij hartfalen wordt toegeschreven aan een verhoogde respiratoire chemosensitiviteit en hyperventilatie door vasculaire longstuwing en circulatoire vertraging. Het centrale-slaapapneusyndroom wordt waargenomen bij mensen die langwerkende opioïden gebruiken. Kinderen met congenitale afwijkingen, met name het Arnold-Chiari-syndroom, of met comorbide somatische aandoeningen zoals gastro-oesofageale reflux, kunnen een centrale-slaapapneusyndroom hebben. In zeldzame gevallen kan centrale slaapapneu als gevolg van een congenitale aandoening zich pas manifesteren in de volwassenheid (bijvoorbeeld bij het Arnold-Chiari-syndroom en congenitale centrale hypoventilatie).