Binnen dezelfde klasse middelen zal een relatief kortwerkend middel in het algemeen eerder leiden tot onttrekkingssymptomen dan de middelen met een langduriger werking. De langer werkende middelen hebben meestal echter een langduriger periode van onttrekkingssymptomen. De halfwaardetijd van het middel correleert met een aantal onttrekkingsaspecten: hoe langer de werkingsduur, des te langer de periode tussen het staken van het middel en de eerste onttrekkingssymptomen en des te langer de onttrekkingsperiode. In het algemeen geldt ook dat hoe langer de acute onttrekkingsperiode duurt, hoe minder intensief het onttrekkingssyndroom verloopt.