De classificatie co­ör­di­na­tie­ont­wik­ke­lings­stoor­nis wordt toegekend op grond van een klinische synthese van de anamnese (ontwikkelings- en somatische anamnese), lichamelijk onderzoek, informatie over schoolen werkprestaties, en een individueel onderzoek aan de hand van psychometrisch valide en cultureel aangepaste ge­stan­daar­di­seer­de tests. De manifestatie van beperkte vaardigheden waarvoor be­we­gings­co­ör­di­na­tie nodig is (criterium A) varieert met de leeftijd. Jonge kinderen kunnen achterlopen in het behalen van motorische ont­wik­ke­lingsmijl­pa­len (zitten, kruipen en lopen), hoewel velen de kenmerkende mijlpalen wel halen. Ze kunnen ook een achterstand hebben in het ontwikkelen van vaardigheden als traplopen, fietsen, knopen dichtdoen, legpuzzels maken en ritsen open- en dichtdoen. Zelfs als het kind de betreffende vaardigheid leert beheersen, kan de motorische uitvoering onbeholpen, langzaam of minder precies overkomen dan die van leeftijdgenoten. Oudere kinderen en volwassenen kunnen langzaam of onnauwkeurig zijn bij de motorische uitvoering van activiteiten zoals het maken van een legpuzzel, modellen bouwen, balspelen (vooral in teamverband), schrijven, typen, autorijden of zelf­ver­zor­gings­ac­ti­vi­tei­ten.

De classificatie co­ör­di­na­tie­ont­wik­ke­lings­stoor­nis wordt alleen toegekend als de beperkingen in motorische vaardigheden een significante belemmering vormen bij de uitvoering van of deelname aan algemene dagelijkse le­vens­ver­rich­tin­gen thuis, in sociaal verband, op school of in de buurt (criterium B). Voorbeelden van dergelijke activiteiten zijn aankleden, eten met behulp van bestek dat bij de leeftijd past en zonder te morsen, het spelen van fysieke spelletjes, het gebruiken van specifieke hulpmiddelen op school, zoals linialen en scharen, en deelnemen aan gymlessen op school. Niet alleen is het vermogen om deze activiteiten uit te voeren beperkt, maar de uitvoering is bovendien veelal traag. De schrijf­vaar­dig­heid is vaak aangetast, wat gevolgen heeft voor de leesbaarheid van het geschrevene en/of de snelheid van het schrijven, en voor de school­re­sul­ta­ten (deze effecten worden onderscheiden van die van specifieke leerproblemen doordat de nadruk ligt op de motorische component van de schrijf­vaar­dig­he­den). Bij volwassenen worden alledaagse vaardigheden op school en het werk beïnvloed door de co­ör­di­na­tie­pro­ble­men, in het bijzonder die waarvoor snelheid en accuratesse vereist zijn.

Volgens criterium C moeten de symptomen van de co­ör­di­na­tie­ont­wik­ke­lings­stoor­nis in de vroege ont­wik­ke­lings­pe­ri­o­de beginnen. De classificatie co­ör­di­na­tie­ont­wik­ke­lings­stoor­nis wordt echter meestal pas na het 5de levensjaar toegekend, omdat er een aanzienlijke variatie bestaat in de leeftijd waarop veel motorische vaardigheden worden verworven, of doordat metingen in de vroege kindertijd onvoldoende stabiel zijn (sommige kinderen werken bijvoorbeeld hun achterstand weg), of omdat andere oorzaken van motorische achterstand zich nog niet volledig hebben gemanifesteerd.

Criterium D stelt dat de classificatie co­ör­di­na­tie­ont­wik­ke­lings­stoor­nis wordt toegekend als de co­ör­di­na­tie­moei­lijk­he­den niet beter verklaard kunnen worden door een visusstoornis, of toegeschreven kunnen worden aan een neurologische aandoening. Daarom moet het diagnostisch onderzoek ook een onderzoek naar het ge­zichts­ver­mo­gen en een neurologisch onderzoek bevatten. Als er sprake is van een verstandelijke-ont­wik­ke­lings­stoor­nis (verstandelijke beperking), dan zijn de motorische moeilijkheden ernstiger dan gezien de psychische leeftijd verwacht mag worden; de IQ-drempelwaarde of een criterium voor de discrepantie tussen IQ en motorische ontwikkeling wordt echter niet gespecificeerd.

De co­ör­di­na­tie­ont­wik­ke­lings­stoor­nis kent geen aparte subtypen; de betrokkene kan last hebben van beperkingen in de grove motoriek of in de fijne motoriek, waaronder schrijf­vaar­dig­he­den.

Andere termen die gebruikt worden om de co­ör­di­na­tie­ont­wik­ke­lings­stoor­nis te beschrijven zijn ‘dyspraxie in de kindertijd’ en ‘specifieke ont­wik­ke­lings­stoor­nis van de motorische functie’. In het Engels werd het vroeger wel het clumsy child syndrome genoemd.

Deze site geniet auteursrechtelijke bescherming. Derhalve is afdrukken niet toegestaan.