Mensen met DIS vertonen meestal een klinisch beeld met comorbide depressie, angst, middelenmisbruik, zelfbeschadiging of een ander veelvoorkomend symptoom. In sommige klinische beelden van DIS, vooral in niet-westerse settings, zijn niet-epileptische insulten en andere functionele neurologische symptomen prominent aanwezig. Sommige mensen, vooral in westerse settings, vertonen een klinisch beeld met ogenschijnlijk behandelresistente neurologische symptomen, zoals hoofdpijn, insulten of symptomen die doen denken aan multiple sclerose.
Mensen met DIS verbergen vaak de bewustzijnsverstoringen, amnesie of andere dissociatieve symptomen, of hebben daar geen volledig besef van. Veel mensen met DIS rapporteren dissociatieve flashbacks waarbij ze een zintuiglijke herbeleving van een eerdere gebeurtenis ervaren alsof die op dat moment plaatsvindt. Vaak gaat dat gepaard met een verandering in de persoonlijkheid, een gedeeltelijk of volledig verlies van contact met of desoriëntatie ten opzichte van de realiteit, en een erop volgende amnesie voor de inhoud van de flashback. Mensen met deze stoornis rapporteren gewoonlijk allerlei vormen van mishandeling gedurende de kindertijd en volwassenheid. Ook andere overweldigende levensgebeurtenissen, zoals veelvuldige, langdurige en pijnlijke medische procedures op jonge leeftijd kunnen worden gemeld. Automutilatie en niet-suïcidaal zelfbeschadigend gedrag komen vaak voor. Op gestandaardiseerde meetinstrumenten rapporteren deze mensen hogere niveaus van hypnotiseerbaarheid en dissociatieve symptomen vergeleken met andere klinische groepen en gezonde controlegroepen. Sommige betrokkenen ervaren voorbijgaande psychotische verschijnselen of episoden. Van de persoonlijkheidskenmerken scoren de vermijdende bij mensen met DIS doorgaans het hoogst; sommigen zijn zodanig vermijdend dat ze liever alleen zijn. Bij psychische decompensatie vertonen sommige betrokkenen kenmerken van een borderline-persoonlijkheidsstoornis (zelfdestructief hoog-risicogedrag en stemmingssymptomen). Veel betrokkenen vertonen gehechtheidsproblemen, maar doen in de regel geen verwoede pogingen om verlating te voorkomen. Sommigen hebben een stabiele, langdurige relatie, maar deze is dan vaak disfunctioneel en/of er is sprake van mishandeling, en zij kunnen zich er slechts met moeite uit losmaken. Dwangmatige persoonlijkheidskenmerken komen bij DIS vaak voor, vaker dan histrionische trekken. Een klein deel van de mensen met DIS heeft narcistische en/of antisociale persoonlijkheidskenmerken.