Oppositionele-opstandige stoornis Bij zowel de normoverschrijdend-gedragsstoornis als de oppositionele-opstandige stoornis is er sprake van symptomen die de betrokkene in conflict brengen met volwassenen en andere gezagsfiguren (zoals ouders, leraren, leidinggevenden op het werk). Het gedrag bij de oppositioneleopstandige stoornis is minder ernstig en er is geen sprake van geweld tegen mensen of dieren, vernieling van eigendommen, of een patroon van diefstal of bedrog. Bovendien is er bij de oppositionele-opstandige stoornis ook sprake van problemen met emotionele disregulatie (een boze en prikkelbare stemming), die niet voorkomen in de definitie van de normoverschrijdend-gedragsstoornis. Als wordt voldaan aan de criteria voor zowel de oppositionele-opstandige stoornis als de normoverschrijdend-gedragsstoornis, kunnen beide classificaties worden toegekend.
Aandachtsdeficiëntie-/hyperactiviteitsstoornis Kinderen met ADHD vertonen vaak hyperactief en impulsief gedrag dat dermate storend is dat het als disruptief kan worden beschouwd, maar er worden door dit gedrag geen maatschappelijke normen of rechten van anderen met voeten getreden, en er wordt dus niet voldaan aan de criteria voor de normoverschrijdend-gedragsstoornis. Wanneer er wel wordt voldaan aan de criteria voor zowel ADHD als de normoverschrijdend-gedragsstoornis, moeten beide classificaties worden toegekend.
Depressieve- en bipolaire-stemmingsstoornissen Prikkelbaarheid, agressie en gedragsproblemen kunnen optreden bij zowel kinderen als volwassenen met een depressieve stoornis, een bipolaire-stemmingsstoornis of een disruptieve stemmingsdisregulatiestoornis. De gedragsproblemen die met deze stoornissen gepaard gaan, kunnen op grond van hun beloop over het algemeen wel worden onderscheiden van die van de normoverschrijdend-gedragsstoornis. Specifiek: mensen met een normoverschrijdend-gedragsstoornis vertonen ook in perioden waarin er geen sprake is van een stemmingsstoornis, ernstige agressieve of niet-agressieve gedragsproblemen. Dit kan het geval zijn in de voorgeschiedenis (dan is er sprake van normoverschrijdende gedragsproblemen die al voor het begin van de stemmingsstoornis aanwezig waren) of in de periode waarin de betrokkene wordt gezien (bepaalde opzettelijke normoverschrijdende gedragingen die niet tijdens een periode van intense emotionele ontregeling optreden). In die gevallen waarin wordt voldaan aan de criteria voor zowel de normoverschrijdend-gedragsstoornis als de stemmingsstoornis, kunnen beide classificaties worden toegekend.
Periodiek explosieve stoornis De normoverschrijdend-gedragsstoornis en de periodiek explosieve stoornis gaan beide gepaard met veel agressie. Bij mensen met een periodiek explosieve stoornis beperkt de agressie zich echter tot de impulsieve vorm: de agressie is niet van tevoren beraamd en heeft geen concreet doel (zoals geld, macht, intimidatie). Bovendien komen de andere dan de agressieve symptomen van de normoverschrijdend-gedragsstoornis niet voor bij de periodiek explosieve stoornis. Als aan de criteria voor beide stoornissen wordt voldaan, moet de classificatie periodiek explosieve stoornis alleen worden toegekend als de recidiverende impulsieve agressieve uitbarstingen op zichzelf ernstig genoeg zijn voor behandeling.
Aanpassingsstoornissen De classificatie aanpassingsstoornis (met gedragssymptomen of met een gemengd beeld van gedrags- en emotionele symptomen) dient te worden overwogen bij gevallen waarin klinisch significante normoverschrijdende gedragsproblemen die niet voldoen aan de criteria voor een andere specifieke stoornis ontstaan in duidelijke samenhang met het optreden van een psychosociale stressor en die binnen zes maanden na het stoppen van de stressor (of de gevolgen hiervan) verdwijnen. De classificatie normoverschrijdend-gedragsstoornis wordt alleen gekozen als de normoverschrijdende gedragsproblemen een repetitief en persisterend patroon vormen dat gepaard gaat met beperkingen in het sociale, schoolse of beroepsmatige functioneren.