Andere psychische stoornissen en somatische aandoeningen Een breed scala van psychische en somatische aandoeningen kan gepaard gaan met psychose- en stemmingssymptomen; deze aandoeningen moeten voor de differentiële diagnostiek van de schizoaffectieve stoornis worden overwogen. Dit zijn: delirium; neurocognitieve stoornis; psychotische of neurocognitieve stoornis door een middel/medicatie; bipolaire-stemmingsstoornissen met psychotische kenmerken; depressieve stoornis met psychotische kenmerken; depressieve- of bipolaire-stemmingsstoornissen met katatone kenmerken; schizotypische-, schizoïde- of paranoïde-persoonlijkheidsstoornis; kortdurende psychotische stoornis; schizofreniforme stoornis; schizofrenie; waanstoornis; en andere gespecificeerde en ongespecificeerde schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen.
Psychotische stoornis door een somatische aandoening Somatische aandoeningen en middelengebruik kunnen gepaard gaan met een combinatie van psychotische en stemmingssymptomen, en een psychotische stoornis als gevolg van een somatische aandoening dient dan ook te worden uitgesloten.
Schizofrenie en bipolaire en depressieve stoornissen Het is vaak moeilijk om het onderscheid te maken tussen de schizoaffectieve stoornis en schizofrenie, en tussen de schizoaffectieve stoornis en depressieve- en bipolaire-stemmingsstoornissen met psychotische kenmerken. Criterium C is bedoeld om de schizoaffectieve stoornis te onderscheiden van schizofrenie, en criterium B is bedoeld om de schizoaffectieve stoornis te onderscheiden van een depressieve- of bipolaire-stemmingsstoornis met psychotische kenmerken. Specifieker gezegd: de schizoaffectieve stoornis kan worden onderscheiden van een depressieve- of bipolaire-stemmingsstoornis met psychotische kenmerken op basis van de aanwezigheid gedurende minstens twee weken van prominent aanwezige wanen en/of hallucinaties, in afwezigheid van een episode van een stemmingsstoornis. Bij een depressieve- of bipolaire-stemmingsstoornis met psychotische kenmerken treden de psychotische kenmerken daarentegen uitsluitend op tijdens de stemmingsepisode(n). Aangezien het relatieve aandeel van stemmings- en psychosesymptomen in de loop van de tijd kan veranderen, kan de juiste classificatie ook veranderen van wel naar geen schizoaffectieve stoornis. Een voorbeeld: de classificatie schizoaffectieve stoornis voor een beeld van een ernstige en prominent aanwezige depressieve episode met een duur van vier maanden, gedurende de eerste zes maanden van een chronische psychotische ziekte, zou worden veranderd in schizofrenie als de actieve psychotische of prominent aanwezige restsymptomen meerdere jaren persisteren zonder dat zich opnieuw een stemmingsepisode voordoet. Om meer duidelijkheid te krijgen over de verhouding tussen stemmingssymptomen en psychotische symptomen in de loop van de tijd, en over het gelijktijdig optreden daarvan, is wellicht aanvullende informatie uit medische dossiers en van informanten nodig.