Temperament Een voor­ge­schie­de­nis met een nor­mo­ver­schrij­dend-gedragsstoornis tijdens de kindertijd of de adolescentie en een antisociale-per­soon­lijk­heids­stoor­nis zijn risicofactoren voor het ontstaan van diverse stoornissen in het gebruik van een middel, waaronder de stoornis in het gebruik van cannabis. Andere risicofactoren zijn bijvoorbeeld ex­ter­na­li­se­ren­de of in­ter­na­li­se­ren­de stoornissen tijdens de kindertijd of de adolescentie. Jongeren met een hoge ongeremdheid van het gedrag vertonen een vroeg begin van stoornissen in het gebruik van een middel, waaronder de stoornis in het gebruik van cannabis, gebruiken tegelijkertijd meerdere middelen, en hebben op jonge leeftijd ge­drags­pro­ble­men.

Omgeving Risicofactoren zijn onder andere een instabiele of onveilige gezinssituatie, cannabisgebruik door naaste familieleden, emotionele of lichamelijke mishandeling in de kindertijd, de gewelddadige dood van een naast familielid of een vriend(in) in de kindertijd, een stoornis in het gebruik van een middel in de familieanamnese, en een lage so­ci­aal­eco­no­mi­sche status. Net als bij misbruik van andere middelen is het gemak waarmee de betrokkene aan de middelen kan komen een risicofactor. Cannabis is in de meeste culturen relatief makkelijk verkrijgbaar, wat het risico op het ontstaan van een stoornis in het gebruik van cannabis verhoogt. Door de toenemende permissieve wetgeving omtrent marihuana voor medisch en recreatief gebruik in Amerikaanse staten zijn de barrières voor het verkrijgen van cannabis in ongeveer twee derde van de Amerikaanse staten verlaagd. Het wonen in een Amerikaanse staat waar recreatief ma­ri­hu­a­na­ge­bruik is gelegaliseerd, blijkt het risico op een stoornis in het gebruik van cannabis door volwassenen te verhogen. Het risico op de stoornis onder can­na­bis­ge­brui­kers in het afgelopen jaar is hoger onder inheemse, Afro-Amerikaanse, Latijns-Amerikaanse en Aziatisch-Amerikaanse volwassenen en adolescenten dan onder witte Amerikanen.

Genetica en fysiologie De ontwikkeling van een stoornis in het gebruik van cannabis wordt door genetische factoren beïnvloed. Erfelijke factoren dragen tussen 30 en 80% bij aan de totale variantie van het risico op een stoornis in het gebruik van cannabis, hoewel nog niet definitief uit onderzoek is gebleken om welke specifieke genetische varianten het gaat. De genetische factoren en invloeden uit de omgeving die zowel bij de stoornis in het gebruik van cannabis als bij de andere stoornissen in het gebruik van een middel voorkomen, doen vermoeden dat er een ge­meen­schap­pe­lij­ke basis is voor ge­bruiks­stoor­nis­sen, waaronder de stoornis in het gebruik van cannabis.

Deze site geniet auteursrechtelijke bescherming. Derhalve is afdrukken niet toegestaan.