De meest algemeen voorkomende comorbide aandoeningen zijn andere angst­stoor­nis­sen, meestal de sociale-angststoornis, gevolgd door de se­pa­ra­tie­angst­stoor­nis en de specifieke fobie. In klinische settings is gebleken dat selectief mutisme en de au­tis­me­s­pec­trum­stoor­nis frequent naast elkaar voorkomen. Bij een belangrijke minderheid van de kinderen met selectief mutisme is oppositioneel gedrag waargenomen, hoewel dit zich kan beperken tot die situaties waarin van het kind wordt verlangd dat het spreekt. Ook achterstanden op communicatief gebied of echte com­mu­ni­ca­tie­stoor­nis­sen kunnen soms voorkomen bij kinderen met selectief mutisme.

Deze site geniet auteursrechtelijke bescherming. Derhalve is afdrukken niet toegestaan.