Het haar uittrekken kan gepaard gaan met diverse handelingen of rituelen die met het haar te maken hebben. Zo kunnen mensen ervoor kiezen om een bepaald soort haar uit te trekken (haar met een bepaalde textuur of kleur), zij kunnen de haren op een bepaalde manier uittrekken (zodat de wortel intact blijft, bijvoorbeeld), of zij kunnen de haren na het uittrekken visueel of tactiel bestuderen of in de mond bewerken (zoals het haar tussen de vingers rollen, een plukje haar tussen de tanden door trekken, het haar in stukjes bijten, of het doorslikken).

Het haar uittrekken kan daarnaast met diverse ge­moeds­toe­stan­den gepaard gaan; het kan plaatsvinden op basis van angstgevoelens of verveling, het kan vooraf worden gegaan door een toenemend gevoel van spanning (ofwel onmiddellijk voorafgaand aan het haar uittrekken ofwel wanneer de betrokkene probeert de impuls om haar uit te trekken te onderdrukken), of het haar uittrekken kan leiden tot voldoening, lustgevoelens of een gevoel van opluchting. Bij het haar uittrekken zijn betrokkenen zich vaak in wisselende mate bewust van hun gedrag, waarbij sommigen zich meer op het gedrag zelf richten (met vooraf een gevoel van spanning en na afloop opluchting), terwijl het gedrag bij anderen meer automatisch is (en de betrokkene zich niet volledig van het haar uittrekken bewust lijkt te zijn). Veel betrokkenen melden dat zij een combinatie van beide gedragsstijlen vertonen. Sommigen ervaren een ‘jeukachtig’ of tintelend gevoel op hun hoofdhuid, dat door het uittrekken van haar vermindert. Meestal gaat het uittrekken van het haar niet met pijn gepaard.

De patronen van het haarverlies variëren sterk. Vaak zijn er gebieden met volledige alopecia en ook gebieden waarbij de haardichtheid is afgenomen. Als het haar op de hoofdhuid wordt uitgetrokken, kan er een voorkeur bestaan voor haren op de kruin of aan de zijkanten. Ook tonsura tri­cho­til­lo­ma­nia kan zich voordoen: een patroon waarbij het hoofd vrijwel geheel kaal is, afgezien van een kleine buitenrand om de hoofdhuid heen, vooral aan de achterkant van de nek. De wenkbrauwen en wimpers kunnen geheel ontbreken.

Het haar uittrekken gebeurt meestal niet als er anderen aanwezig zijn, afgezien van naaste familie. Sommigen hebben de impuls om het haar van anderen uit te trekken en proberen soms heimelijk een gelegenheid te scheppen om dit te doen. Anderen trekken de haren van huisdieren of poppen uit, of andere vezels (zoals van een trui of tapijt). Sommigen ontkennen tegenover anderen dat zij haar uittrekken. De meeste mensen met tri­cho­til­lo­ma­nie hebben daarnaast ook een of meer andere li­chaams­ge­rich­te repetitieve handelingen, waaronder huidpulken, nagelbijten en op de lip bijten.

Deze site geniet auteursrechtelijke bescherming. Derhalve is afdrukken niet toegestaan.