Mensen met symptomen van de persisterende-rouwstoornis hebben een verhoogde kans op suïcidegedachten, zelfs na correctie voor het effect van een depressieve stoornis en PTSS. Ongeacht de leeftijd en nationaliteit gaan symptomen van de persisterende-rouwstoornis consistent samen met suïcidegedachten. In de bestaande literatuur kan echter niet worden vastgesteld of er een verband is tussen suïcidegedachten die gepaard gaan met symptomen van de persisterende-rouwstoornis en een hogere incidentie van suïcidaal gedrag. Stigma, isolement, een gevoel nergens meer bij te horen, vermijding en psychische lijdensdruk gaan bij nabestaanden samen met suïcidegedachten. In vergelijking met nabestaanden na een overlijden door nietgewelddadige oorzaken hebben mensen met symptomen van de persisterenderouwstoornis na een overlijden door een gewelddadige dood (bijvoorbeeld door moord, suïcide of een ongeval) een hogere kans op suïcidegedachten. Op een vergelijkbare manier hebben mensen die de dood van een kind meemaken, vooral wanneer het kind jonger dan 25 jaar is, een verhoogde kans om symptomen van de persisterende-rouwstoornis samen met suïcidegedachten te ontwikkelen.