Bij mensen met boulimia nervosa komen psychische comorbiditeiten vaak voor; de meesten hebben minstens één andere psychische stoornis, en velen hebben meerdere bijkomende stoornissen. De comorbiditeit beperkt zich niet tot een bepaalde subgroep van aandoeningen, maar bestrijkt een heel scala van psychische stoornissen. Depressieve symptomen komen bij mensen met boulimia nervosa vaker voor (bijvoorbeeld een gering gevoel van eigenwaarde), evenals bipolaire- en depressieve-stem­mings­stoor­nis­sen (vooral de depressieve stoornis). Bij veel mensen beginnen de stem­mings­symp­to­men tegelijk met de ontwikkeling van boulimia nervosa, of deze volgen daarop, en de betrokkenen wijten hun stem­mings­symp­to­men vaak aan hun boulimia nervosa. Bij sommige mensen gaan de stem­mings­symp­to­men echter overduidelijk vooraf aan de ontwikkeling van boulimia nervosa. Ook angstsymptomen (zoals vrees voor sociale situaties) of angst­stoor­nis­sen kunnen vaker optreden. De stemmings- en angstsymptomen nemen na een effectieve behandeling van boulimia nervosa vaak weer af. Bij mensen met boulimia nervosa is de levenslange prevalentie van stoornissen in het gebruik van een middel, vooral van de stoornissen in het gebruik van alcohol en stimulantia, minstens 30%. Het gebruik van stimulantia begint vaak met de bedoeling om de eetlust en het gewicht te beheersen. Een aanzienlijk percentage van de mensen met boulimia nervosa heeft daarnaast per­soon­lijk­heids­ken­mer­ken waarmee ze voldoen aan de criteria voor een of meer per­soon­lijk­heids­stoor­nis­sen, en dan vooral de borderline-per­soon­lijk­heids­stoor­nis.

Deze site geniet auteursrechtelijke bescherming. Derhalve is afdrukken niet toegestaan.