Mensen met boulimia nervosa hebben over het algemeen een normaal gewicht of overgewicht (BMI ≥ 18,5 en < 30 bij volwassenen). Bij mensen met obesitas komt de stoornis wel voor, zij het zelden. In de perioden tussen de eetbuien beperken mensen met boulimia nervosa hun totale calorie-inname; zij gebruiken het liefst caloriearme (dieet)producten en vermijden voedingsmiddelen die volgens hen dikmakend zijn of een eetbui zouden kunnen uitlokken.
Bij mensen met boulimia nervosa komen amenorroe of onregelmatige menses vaak voor; het is onduidelijk of deze stoornissen verband houden met gewichtsschommelingen, of voedingsdeficiëntie, of met emotionele spanningen. De stoornissen in de water- en elektrolytenhuishouding als gevolg van het purgeergedrag zijn soms dermate ernstig dat zij tot ernstige somatische problemen kunnen leiden. Zeldzame maar mogelijk fatale complicaties zijn onder andere slokdarmrupturen, maagruptuur en hartritmestoornissen. Er zijn gevallen van ernstige myopathie van de hart- of skeletspieren gerapporteerd bij mensen die veelvuldig ipecacsiroop (braakwortelsiroop) hebben gebruikt om het braken op te wekken. Mensen die chronisch laxantia misbruiken, kunnen daarvan afhankelijk worden voor het stimuleren van hun darmbeweging. Bij boulimia nervosa komen geregeld gastro-intestinale klachten voor. Daarnaast zijn bij deze stoornis gevallen van rectumprolaps gerapporteerd.