Mensen met een THL, inclusief een matig of ernstig THL, hebben op de lange termijn een verhoogd risico op suïcide. Hoewel depressiviteit een aanzienlijke bijdragende factor is, biedt dit geen volledige verklaring. Maar liefst 10% van deze mensen heeft suïcidegedachten, en tussen 0,8 en 1,7% heeft in de eerste twintig jaar na het THL een of meer suïcidepogingen gedaan. Het ontwikkelen van depressiviteit en/of suïcidaal gedrag één jaar na het letsel, gaat vijf jaar na het THL consistent samen met verhoogde percentages depressiviteit en suïcidaal gedrag. Hoewel de relatie tussen cognitieve beperkingen en het risico op suïcide na een THL complex is, is het inschatten van het suïciderisico een belangrijk onderdeel bij de beoordeling van mensen met een uitgebreide of beperkte NCS door THL.
Jongeren die een hersenschudding hebben gehad, hebben mogelijk een verhoogd risico op suïcidaal gedrag. Het risico op suïcide is zowel bij veteranen met THL als burgers met THL verhoogd, en mensen die psychische hulp zoeken kunnen een voorgeschiedenis met THL hebben. Ook mensen die na een THL revalideren hebben een verhoogd risico op suïcidegedachten en suïcidaal gedrag.