Temperament Angststoornissen, de autismespectrumstoornis, de obsessievecompulsieve stoornis en de aandachtsdeficiëntie-/hyperactiviteitsstoornis kunnen het risico verhogen op het vermijdende of restrictieve voedings- of eetgedrag dat kenmerkend is voor de stoornis.
Omgeving Het voorkomen van angst in de familieanamnese is een risicofactor uit de omgeving voor de vermijdende/restrictieve voedselinnamestoornis. Bij kinderen van moeders die zelf een eetstoornis hebben, komen mogelijk vaker voedingsstoornissen voor.
Genetica en fysiologie Een voorgeschiedenis van gastro-intestinale aandoeningen, gastro-oesofageale reflux, braken en diverse somatische problemen kan samengaan met het voedings- en eetgedrag van de vermijdende/restrictieve voedselinnamestoornis.