CLASSIFICATIECRITERIA
AEr wordt voldaan aan de criteria voor een uitgebreide of beperkte neurocognitieve stoornis.
BDe stoornis heeft een sluipend begin en een geleidelijke progressie.
COfwel (1), ofwel (2), of beide:
1Gedragsvariant:
aDrie of meer van de volgende gedragssymptomen zijn aanwezig:
iOntremd gedrag.
ii Apathie of inertie.
iii Verlies van het vermogen tot sympathie of empathie.
iv Persevererend stereotiep of compulsief/ritualistisch gedrag.
v Hyperoraliteit en veranderingen in het voedingspatroon.
bProminente achteruitgang in de sociaal-cognitieve en/of executieve functies.
2Taalvariant:
aProminente achteruitgang in het taalvermogen voor wat betreft de productie van gesproken taal, woordvinding, benoemen van objecten, grammatica of woordbegrip.
DHet leervermogen en het geheugen en de perceptueel-motorische functie blijven relatief gespaard.
EDe stoornis kan niet beter worden verklaard door een cerebrovasculaire ziekte, een andere neurodegeneratieve ziekte, de effecten van een middel of een andere psychische, neurologische of systeemziekte.
De classificatie NCS waarschijnlijk door frontotemporale degeneratie wordt toegekend als minstens één van de volgende kenmerken aanwezig is; anders moet de classificatie NCS mogelijk door frontotemporale degeneratie worden toegekend:
1Aanwijzingen uit de familieanamnese of genetisch onderzoek voor een causale genetische mutatie van de frontotemporale neurocognitieve stoornis.
2Aanwijzingen bij beeldvormend hersenonderzoek voor een relatief grote betrokkenheid van de frontale en/of temporale kwab.
De classificatie NCS mogelijk door frontotemporale degeneratie wordt toegekend als er geen aanwijzingen zijn voor een genetische mutatie en er geen beeldvormend hersenonderzoek is gedaan.
Coderingsaanwijzing
F02.0
Uitgebreide neurocognitieve stoornis waarschijnlijk* of mogelijk door frontotemporale degeneratie (* codeer eerst G31.0 frontotemporale degeneratie)
NB De ernstspecificaties (‘licht’, ‘matig’ en ‘ernstig’) en de specificaties ‘met gedragsstoornissen’ en ‘zonder gedragsstoornissen’ kunnen niet gecodeerd worden, maar moeten wel schriftelijk vermeld worden.
F06.7
Beperkte neurocognitieve stoornis door frontotemporale degeneratie (gebruik geen extra code voor frontotemporale degeneratie)
NB De specificaties ‘met gedragsstoornissen’ en ‘zonder gedragsstoornissen’ kunnen niet gecodeerd worden, maar moeten wel schriftelijk vermeld worden. Gebruik bij zowel de uitgebreide als de beperkte frontotemporale neurocognitieve stoornis (een) extra code(s) om klinisch significante psychiatrische symptomen aan te duiden die door frontotemporale degeneratie worden veroorzaakt (bijvoorbeeld F06.3 bipolaire-stemmingsstoornis door frontotemporale degeneratie, met manische kenmerken; F07.0 persoonlijkheidsverandering door frontotemporale degeneratie, ontremde type).