Let op: deze stoornis is opgenomen in Deel III van de DSM-5-TR en is dus nog geen officiële stoornis.

In een internationale meta-analyse bleek de prevalentie van de niet-suïcidale-zelf­be­scha­di­gings­stoor­nis over het algemeen enigszins hoger te zijn bij meisjes en vrouwen dan bij jongens en mannen. Dit komt niet overeen met de gen­der­ver­hou­ding bij suïcidaal gedrag, waarbij de pre­va­len­tie­ver­schil­len tussen meisjes/vrouwen versus jongens/mannen veel groter zijn. In klinische steekproeven zijn de gen­der­ver­schil­len voor de niet-suïcidale-zelf­be­scha­di­gings­stoor­nis meer uitgesproken. In verschillende culturele contexten kan de gen­der­ver­hou­ding variëren: in sommige contexten komt de stoornis vaker voor bij meisjes en vrouwen (bijvoorbeeld bij mid­del­ba­re­scho­lie­ren op het platteland van China), en in andere contexten juist vaker bij jongens en mannen (bijvoorbeeld bij jongeren van 11–19 jaar in Jordanië). De niet-suïcidale-zelf­be­scha­di­gings­stoor­nis komt aanzienlijk vaker voor bij seksuele minderheden, vooral bij mensen die zichzelf als biseksueel beschouwen.

Deze site geniet auteursrechtelijke bescherming. Derhalve is afdrukken niet toegestaan.