Samenvatting

Samenvatting

De verstandelijke beperking ver­te­gen­woor­digt een globale aantasting van de intellectuele functies in alle cognitieve domeinen.

Door middel van psychologische tests kan het bestaan van tekorten in de algemene intellectuele vaardigheden volgens criterium A worden bevestigd, maar deze tests geven niet nood­za­ke­lij­ker­wijs een indicatie van de ernst van de func­tie­stoor­nis­sen.

Voor een classificatie verstandelijke beperking moet er altijd sprake zijn van beperkingen in het adaptieve functioneren (criterium B); het hebben van cognitieve beperkingen alleen is niet voldoende voor deze classificatie.

De diagnostiek van kinderen met een verstandelijke beperking moet tevens een grondig onderzoek naar de ont­wik­ke­lings­ge­schie­de­nis en familie- en klinische anamnese bevatten, om de kans op het opsporen van genetische syndromen te verhogen.

Er zijn geen uit­slui­tings­cri­te­ria voor de classificatie; een verstandelijke beperking moet worden vastgesteld wanneer aan de criteria wordt voldaan, ongeacht of er nog andere comorbide stoornissen optreden.

Deze site geniet auteursrechtelijke bescherming. Derhalve is afdrukken niet toegestaan.