De heer Winklaar, een 35-jarige man van Antilliaanse afkomst, meldt zich bij zijn huisarts. Hij heeft al jaren een paniekstoornis, die is begonnen toen hij begin twintig was. Soms heeft hij een of meer paniekaanvallen per dag. Patiënt heeft nooit langer dan een paar maanden geen paniekaanvallen gehad. De paniekstoornis heeft zijn kwaliteit van leven sterk beïnvloed, en het lukt hem niet meer om te werken of deel te nemen aan de kerkdiensten van de pinkstergemeente waarvan hij lid is. Het zingen en dansen tijdens deze diensten is altijd een belangrijk onderdeel van zijn leven geweest. De heer Winklaar is steeds bezorgder geworden over wanneer de volgende paniekaanval zal toeslaan en hij vermijdt nu bepaalde plekken in het openbaar. Er zijn steeds minder plekken waar hij zich prettig voelt. Sinds enkele jaren vindt hij het moeilijk om zijn buurt te verlaten, en nu is zijn huis nog de enige plek waar hij zich echt op zijn gemak voelt. Onlangs heeft hij zelfs thuis een paar paniekaanvallen gehad. Zijn klachten leiden tot een laag gevoel van eigenwaarde. De laatste paar jaar voelt hij zich ‘depressief’. Zijn huisarts zegt dat hij lichamelijk gezond is. De heer Winklaar vertelt desgevraagd dat hij geen andere middelen dan alcohol gebruikt en ook geen geneesmiddelen die angst kunnen veroorzaken. Hij drukt zich onduidelijk uit over zijn alcoholgebruik. Hij meldt desgevraagd dat hij geen gedachten heeft aan, of intenties en/of plannen heeft om zichzelf of iemand anders van het leven te beroven.
Een paniekstoornis is doorgaans een chronische aandoening, die begint in de vroege volwassenheid en die een nadelige invloed heeft op de patiënt tijdens wat diens productiefste jaren zouden moeten zijn. De stoornis kan verdwijnen, maar keert vaak weer terug. Behalve dat hij paniekaanvallen had, begon de heer Winklaar zich ongerust te maken over wanneer de volgende paniekaanval zou optreden. Hij merkte ook dat hij veel plekken ging vermijden als gevolg van de paniekaanvallen, en uiteindelijk ging hij de deur niet meer uit. Een comorbide depressieve stoornis verergert nu mogelijk zijn toestand. De huisarts dient de heer Winklaars alcoholgebruik verder te verkennen, waarbij rekening moet worden gehouden met een mogelijke stoornis in alcoholgebruik. Hij dient regelmatig te blijven controleren of de heer Winklaar gedachten heeft aan, of intenties en/of plannen heeft om zichzelf of iemand anders van het leven te beroven. Sommige mensen gebruiken alcohol om hun paniekaanvallen te verlichten. Het risico op alcoholisme en suïcide zijn in dit geval van belang. De arts zal willen begrijpen hoe de klachten van de heer Winklaar worden opgevat en aangepakt binnen de dynamiek van zijn Antilliaanse familie. Verwijzing naar een psychiater moet worden overwogen.
Deze site geniet auteursrechtelijke bescherming. Derhalve is afdrukken niet toegestaan.