Slaapstoornis door een middel/medicatie

Substance/medication induced sleep disorder

CLASSIFICATIECRITERIA

  1. Een prominente en ernstige verstoring van de slaap.

De criteria vereisen dat de verstoring van de slaap ernstig is. Dit beperkt de classificatie tot slaapproblemen die afzonderlijke klinische aandacht verdienen. De criteria vereisen verder dat de slaapproblemen kunnen worden toegeschreven aan de farmacologische effecten van een middel.

  1. Er zijn aanwijzingen vanuit anamnese, lichamelijk onderzoek of la­bo­ra­to­ri­um­uit­sla­gen voor zowel (1) als (2):
    1. Het in criterium A genoemde symptoom is ontstaan tijdens of kort na de intoxicatie door of onttrekking van een middel, of na blootstelling aan of onttrekking van een geneesmiddel.
    2. Van het betreffende (genees)middel is bekend dat dit het in criterium A genoemde symptoom kan veroorzaken.

De criteria vereisen dat de verstoring van de slaap ernstig is. Dit beperkt de classificatie tot slaapproblemen die afzonderlijke klinische aandacht verdienen. De criteria vereisen verder dat de slaapproblemen kunnen worden toegeschreven aan de farmacologische effecten van een middel.

  1. De stoornis kan niet beter worden verklaard door een slaapstoornis die niet door een middel/medicatie is veroorzaakt. Aanwijzingen voor de aanwezigheid van een dergelijke onafhankelijke slaapstoornis zijn:
    De symptomen bestonden al voor het gebruik van het middel of de medicatie; de symptomen persisteren gedurende een aanzienlijke periode (bijvoorbeeld ongeveer een maand) na afloop van de acute onttrekking of ernstige intoxicatie; of er zijn andere aanwijzingen waaruit blijkt dat sprake is van een onafhankelijke slaapstoornis die niet door een middel/medicatie is veroorzaakt (bijvoorbeeld een voor­ge­schie­de­nis met recidiverende episoden die niet door een middel/medicatie zijn veroorzaakt).

Criterium C vereist dat de slaapverstoring niet beter kan worden verklaard door een slaapstoornis die niet door een middel of medicatie wordt veroorzaakt. Aanwijzingen daarvoor zijn: (1) de symptomen gaan vooraf aan het begin van het (genees)middelengebruik; (2) de symptomen houden een aanzienlijke periode aan (bijvoorbeeld ongeveer één maand) na het stoppen van de acute onttrekking of ernstige intoxicatie; of (3) er zijn andere aanwijzingen voor het bestaan van een onafhankelijke slaapstoornis die niet door een (genees)middel wordt veroorzaakt (bijvoorbeeld een voor­ge­schie­de­nis met terugkerende episoden die niet door een middel/medicatie werden veroorzaakt).

  1. De stoornis treedt niet uitsluitend op in het beloop van een delirium.

Wanneer de slaapstoornis alleen optreedt tijdens het beloop van een delirium, is een afzonderlijke classificatie slaapstoornis door een middel/medicatie niet gerechtvaardigd.

  1. De stoornis veroorzaakt klinisch significante lijdensdruk of beperkingen in het sociale of beroepsmatige functioneren of het functioneren op andere belangrijke terreinen.

De slaapstoornis door een middel/medicatie dient significante lijdensdruk of beperkingen te veroorzaken. Een uniek gevolg van deze stoornis voor het functioneren is dat er een verhoogd risico is op terugval.

NB Deze classificatie moet alleen in plaats van een classificatie intoxicatie door of ont­trek­kings­syn­droom van een middel worden toegekend wanneer de symptomen uit criterium A in het klinische beeld op de voorgrond staan en zo ernstig zijn dat afzonderlijke aandacht gerechtvaardigd is.

Co­de­rings­aan­wij­zing De ICD-10-codes voor de slaapstoornis door een specifiek (genees)middel zijn weergegeven in de volgende tabel.

ICD-10
AlcoholF10.8
CafeïneF15.8
OpioïdeF11.8
Hypnoticum of anxiolyticumF13.8
Amfetamine, cocaïne (of ander stimulantium)F14.8
Een ander (of onbekend) middelF19.8

→ Specificeer of:
Insomniatype Gekenmerkt door moeite met inslapen of doorslapen, frequente ontwaakmomenten in de nacht, of niet-restauratieve slaap.

Type met slaperigheid overdag Gekenmerkt door een op de voorgrond staande klacht van overmatige slaperigheid/vermoeidheid tijdens de uren die men wakker is, of een lange slaapperiode. Deze laatste vorm komt minder vaak voor.

Parasomniatype Gekenmerkt door afwijkend gedrag tijdens de slaap.

Gemengde type Gekenmerkt door een slaapprobleem door een middel/medicatie dat wordt gekenmerkt door meerdere vormen van slaapklachten, waarbij geen van de symptomen op de voorgrond staat.

Specificeer ‘met begin tijdens intoxicatie’ en/of ‘met begin tijdens onttrekking’ (zie tabel 1 in het hoofdstuk ‘Mid­del­ge­re­la­teer­de en ver­sla­vings­stoor­nis­sen’, waarin vermeld staat of deze specificaties van toepassing zijn op een bepaalde klasse middelen); of specificeer ‘met begin na me­di­ca­tie­ge­bruik’:

Met begin tijdens intoxicatie Wanneer is voldaan aan de criteria voor intoxicatie door het middel en de symptomen ontstaan tijdens de intoxicatie.

Met begin tijdens onttrekking Wanneer is voldaan aan de criteria voor het ont­trek­kings­syn­droom van het middel en de symptomen ontstaan tijdens of kort na de onttrekking.

Met begin na me­di­ca­tie­ge­bruik Wanneer de symptomen ontstaan na het beginnen met een geneesmiddel, na een verandering in het gebruik van een geneesmiddel, of tijdens de onttrekking van een geneesmiddel.

Deze site geniet auteursrechtelijke bescherming. Derhalve is afdrukken niet toegestaan.