Tips voor een betere onderbouwing van de classificatie

Tips voor een betere onderbouwing van de classificatie

Stel vast of het patroon overeenstemt met de algemene definitie van een per­soon­lijk­heids­stoor­nis.

Bevestig dat de DSM-5-symptomen van een schizotypische-per­soon­lijk­heids­stoor­nis langdurig aanwezig zijn in meerdere sociale settings.

Overweeg andere stoornissen die de waargenomen symptomen mogelijk beter verklaren.

Onthoud dat hoewel er onderlinge overeenkomsten kunnen zijn, mensen met een schizotypische-per­soon­lijk­heids­stoor­nis moeten worden onderscheiden van mensen met een primaire psychotische stoornis.

Deze site geniet auteursrechtelijke bescherming. Derhalve is afdrukken niet toegestaan.