Omdat de ontremd-so­ci­aal­con­tact­stoor­nis de etiologie gemeen heeft met sociale verwaarlozing, kan de ontremd-so­ci­aal­con­tact­stoor­nis tegelijk voorkomen met ont­wik­ke­lings­ach­ter­stan­den, in het bijzonder cognitieve en taal­ach­ter­stan­den, stereotypieën en andere verschijnselen van ernstige verwaarlozing, zoals ondervoeding of een slechte verzorging. De verschijnselen van de stoornis blijven echter vaak aanwezig als er geen sprake meer is van de andere verschijnselen van verwaarlozing. Daarom is het niet ongebruikelijk dat kinderen met deze stoornis geen actuele verschijnselen van verwaarlozing vertonen. Bovendien kan de ontremd-so­ci­aal­con­tact­stoor­nis ook voorkomen bij kinderen die geen tekenen van een verstoorde hechting vertonen. De ontremd-so­ci­aal­con­tact­stoor­nis kan dus gezien worden bij kinderen met een geschiedenis van verwaarlozing die geen hech­tings­re­la­ties hebben of bij wie de hech­tings­re­la­ties met hun verzorgers variëren van verstoord tot veilig.

Deze site geniet auteursrechtelijke bescherming. Derhalve is afdrukken niet toegestaan.