Mensen met een gebruikspatroon dat voldoet aan de criteria voor een stoornis in het gebruik van cafeïne krijgen dagelijks op veel verschillende manieren cafeïne binnen en consumeren verschillende producten (zoals koffie, frisdrank, thee, energiedrankjes) en geneesmiddelen met cafeïne.
Er is geen longitudinaal of transversaal wetenschappelijk onderzoek uitgevoerd naar de stoornis in het gebruik van cafeïne. De stoornis in het gebruik van cafeïne komt voor bij zowel adolescenten als volwassenen. De mate van cafeïneconsumptie en het totale cafeïneconsumptieniveau in de Verenigde Staten nemen toe met de leeftijd. Er zijn geen leeftijdsgebonden factoren voor de stoornis in het gebruik van cafeïne bekend; wel is er toenemende bezorgdheid over de overmatige cafeïneconsumptie onder adolescenten en jongvolwassenen door energiedrankjes waaraan cafeïne is toegevoegd.