Ex­co­ri­a­tie­stoor­nis (huid­pulk­stoor­nis)

Excoriation (skin-picking) disorder

F63.8

CLASSIFICATIECRITERIA

ARecidiverend huidpulken met huidlaesies tot gevolg.

Iedereen pulkt weleens aan zijn huid, ofwel om on­re­gel­ma­tig­he­den te verwijderen of om vlekjes of acne te verminderen. Criterium A vereist dat het huidpulken recidiverend moet zijn en moet leiden tot huidlaesies, wat een indicatie geeft van de frequentie en intensiteit van het pulken. Hoewel betrokkenen het vaakst aan hun gezicht pulken, komt het pulken aan de handen, vingers, romp, armen en benen ook veel voor. Mensen met de ex­co­ri­a­tie­stoor­nis zeggen meestal dat ze op meerdere plekken op hun huid pulken en dat ze daarvoor verschillende instrumenten gebruiken (bijvoorbeeld de vingernagels, messen, pincetten of spelden). Het pulken kan leiden tot aanzienlijke huid­be­scha­di­gin­gen en tot somatische complicaties, zoals gelokaliseerde infecties en bloed­ver­gif­ti­ging.

BHerhaaldelijke pogingen om met het huidpulken te stoppen.

Dit criterium vereist dat de betrokkene heeft geprobeerd om het huidpulken te verminderen of ermee te stoppen, als indicatie van de intense drang die aan het gedrag ten grondslag ligt. Het idee dat mensen met deze stoornis moeite hebben met het afremmen van motorisch gedrag zodra zij met de gedragingen zijn begonnen, wordt we­ten­schap­pe­lijk ondersteund door gegevens uit neurocognitief onderzoek.

CHet huidpulken veroorzaakt klinisch significante lijdensdruk of beperkingen in het sociale of beroepsmatige functioneren of het functioneren op andere belangrijke terreinen.

Mensen met de ex­co­ri­a­tie­stoor­nis besteden aanzienlijk veel tijd aan het huidpulken. Veel betrokkenen melden dat het gedrag enkele uren per dag in beslag neemt, met als gevolg dat ze vaak absent of te laat zijn op het werk, op school of bij sociale activiteiten. Het pulken leidt ook tot problemen met de eigenwaarde en in persoonlijke relaties.

DHet huidpulken kan niet worden toegeschreven aan de fysiologische effecten van een middel (zoals cocaïne) of aan een somatische aandoening (zoals scabiës).

Het gebruik van stimulantia zoals cocaïne en amfetamine kan leiden tot huidpulken en moet worden uitgesloten. Bovendien kunnen veel dermatologische aandoeningen, zoals schurft, atopische dermatitis, psoriasis en huid­aan­doe­nin­gen met blaarvorming, ertoe leiden dat mensen aan hun huid krabben of pulken.

EHet huidpulken kan niet beter worden verklaard door de symptomen van een andere psychische aandoening (zoals wanen of haptische hallucinaties bij een psychotische stoornis, pogingen om de ervaren afwijkingen of onvolkomenheden van het uiterlijk te verbeteren bij de morfodysfore stoornis, stereotypieën bij de stereotiepe-be­we­gings­stoor­nis, of de intentie zichzelf schade toe te brengen bij niet-suïcidale zelf­be­scha­di­ging).

De ex­co­ri­a­tie­stoor­nis wordt vaak verkeerd ge­di­a­gnos­ti­ceerd als hetzij OCS of de morfodysfore stoornis. De repetitieve motorische symptomen van de ex­co­ri­a­tie­stoor­nis lijken op compulsieve rituelen, maar mensen met een ex­co­ri­a­tie­stoor­nis melden minder vaak obsessieve gedachten over hun huid en zijn zich mogelijk zelfs niet bewust van hun huidpulkgedrag vanwege het automatische karakter ervan. Mensen met een morfodysfore stoornis pulken aan hun huid om hun uiterlijk te verbeteren.

Deze site geniet auteursrechtelijke bescherming. Derhalve is afdrukken niet toegestaan.