De prevalentie van het type verlate slaapfase is het hoogst bij adolescenten en jongvolwassenen, met geschatte percentages tussen 3,3 en 4,6% in Noorwegen en Zweden. Onderzoeken naar de prevalentie bij volwassenen leveren significant lagere percentages op, met schattingen van 0,2 tot 1,7% in Noorwegen en Nieuw-Zeeland. De prevalentie van het familiaire type van de verlate slaapfase is niet vastgesteld, maar mensen met het type verlate slaapfase hebben vaak een familieanamnese van verlate slaapfase.