CLASSIFICATIECRITERIA
AEen klinisch significante stoornis in het seksuele functioneren staat in het klinische beeld op de voorgrond.
BEr zijn aanwijzingen vanuit anamnese, lichamelijk onderzoek of laboratoriumuitslagen voor zowel (1) als (2):
1De in criterium A genoemde symptomen zijn ontstaan tijdens of kort na de intoxicatie door of onttrekking van een middel, of na blootstelling aan of onttrekking van een geneesmiddel.
2Van het betreffende (genees)middel is bekend dat het de in criterium A genoemde symptomen kan veroorzaken.
CDe stoornis kan niet beter worden verklaard door een seksuele disfunctie die niet wordt veroorzaakt door een middel/medicatie. Aanwijzingen voor de aanwezigheid van een dergelijke onafhankelijke seksuele disfunctie zijn:
De symptomen bestonden al voor het gebruik van het middel of de medicatie; de symptomen persisteren gedurende een aanzienlijke periode (bijvoorbeeld ongeveer een maand) na afloop van de acute onttrekking of ernstige intoxicatie; of er zijn andere aanwijzingen waaruit blijkt dat sprake is van een onafhankelijke seksuele disfunctie die niet door een middel/medicatie is veroorzaakt (bijvoorbeeld een voorgeschiedenis met recidiverende episoden die niet door een middel of medicatie zijn veroorzaakt).
DDe stoornis treedt niet uitsluitend op in het beloop van een delirium.
EDe stoornis veroorzaakt klinisch significante lijdensdruk bij de betrokkene.
NB Deze classificatie moet alleen in plaats van een classificatie intoxicatie door of onttrekkingssyndroom van een middel worden toegekend wanneer de symptomen uit criterium A in het klinische beeld op de voorgrond staan en zo ernstig zijn dat afzonderlijke aandacht gerechtvaardigd is.
Coderingsaanwijzing De ICD-10-codes voor de seksuele disfuncties door een specifiek (genees)middel zijn weergegeven in de tabel op de volgende bladzijde.
| | ICD-10 |
Alcohol Opioïde Hypnoticum of anxiolyticum | F10.8 F11.8 F13.8 |
Amfetamineachtig middel (of ander stimulantium) Cocaïne Een ander (of onbekend) middel | F15.8 F14.8 F19.8 |
→Specificeer ‘met begin tijdens intoxicatie’ en/of ‘met begin tijdens onttrekking’ (zie tabel 1 in het hoofdstuk ‘Middelgerelateerde en verslavingsstoornissen’, waarin vermeld staat of deze specificaties van toepassing zijn op een bepaalde klasse middelen); of specificeer ‘met begin na medicatiegebruik’:
Met begin tijdens intoxicatie Wanneer is voldaan aan de criteria voor intoxicatie door het middel en de symptomen ontstaan tijdens de intoxicatie.
Met begin tijdens onttrekking Wanneer is voldaan aan de criteria voor het onttrekkingssyndroom van het middel en de symptomen ontstaan tijdens of vlak na de onttrekking.
Met begin na medicatiegebruik Wanneer de symptomen ontstaan na het beginnen met een geneesmiddel, na een verandering in het gebruik van een geneesmiddel, of tijdens de onttrekking van een geneesmiddel.
→Specificeer actuele ernst:
Licht Treedt op in 25 tot 50% van de seksuele activiteiten.
Matig Treedt op in 50 tot 75% van de seksuele activiteiten.
Ernstig Treedt op in meer dan 75% van de seksuele activiteiten.
In de DSM-5-criteria wordt vermeld dat het disfunctioneren dient te zijn begonnen tijdens of kort na de intoxicatie door of onttrekking van een middel, of na de blootstelling aan een medicijn. Dit is een verandering ten opzichte van de DSM-IV-criteria, waarin geen rekening werd gehouden met verhoging van de dosering en het staken van medicijngebruik als mogelijke oorzaken van de seksuele disfunctie.