Opnemen van de anamnese
Opnemen van de anamnese
Een vrouw meldt dat zij een stem hoort die haar bekritiseert en voortdurend commentaar levert op haar fouten en tekortkomingen. Een dergelijk symptoom kan wijzen op de mogelijkheid van schizofrenie of een dissociatieve identiteitsstoornis. Bij het verhelderen van de differentiële diagnose dient ook geïnformeerd te worden naar de aard van de inhoud van de hallucinatie: is het een bizarre hallucinatie of niet? Heeft die een consistent thema of is die gedesorganiseerd? Andere comorbide symptomen die kunnen duiden op schizofrenie zijn onder meer lossere banden met anderen en een vlak affect. Mensen met DIS laten veranderingen in de identiteit en episoden van amnesie zien. Een auditieve hallucinatie neemt eerder de vorm aan van een zelfbekritiserend element van iemands gefragmenteerde persoonlijkheidsstructuur. De differentiële diagnostiek van de dissociatieve identiteitsstoornis ten opzichte van schizofrenie is vooral belangrijk omdat de behandelingen zo verschillend zijn. Oneigenlijk gebruik van antipsychotica bij een dissociatieve stoornis leidt dan niet tot een verbetering van de symptomen, maar in plaats daarvan tot een vlak affect, wat van invloed is op het stellen van de juiste diagnose. Mensen met een dissociatieve identiteitsstoornis kunnen gaan geloven dat ze echt meerdere identiteiten hebben, hetgeen ook kan worden geïnterpreteerd als een psychotische waan en dus een ander symptoom van schizofrenie.
Een goede differentiële diagnostiek vereist dat zorgvuldig wordt vastgesteld wanneer de symptomen zijn begonnen. Een voorgeschiedenis met psychotrauma’s of mishandeling is waarschijnlijk meer in overeenstemming met een dissociatieve stoornis, terwijl een voorgeschiedenis met verminderd functioneren toen de patiënt rond de twintig was, zonder dat daarbij sprake was van een duidelijke psychotraumatische oorsprong, meer in overeenstemming is met schizofrenie. De onderzoeker zou de patiënt naar aanwijzingen voor geheugenverlies moeten vragen, waaronder het kwijtraken van tijd en het onvermogen om zich activiteiten te herinneren waarvan anderen getuige zijn geweest. Plotselinge veranderingen in de persoonlijkheid en het interpersoonlijke gedrag zijn meer in overeenstemming met dissociatie, terwijl sociale terugtrekking, het verminderd plannen en initiëren van gedrag, en aanhoudende bizarre overtuigingen meer in overeenstemming zijn met schizofrenie. Het is essentieel om het gebruik van middelen zorgvuldig te exploreren, om uit te sluiten dat de symptomen te wijten zijn aan intoxicatie door een middel of onttrekking van een middel.