De classificatie encopresis wordt niet toegekend voordat het kind een kalenderleeftijd van minstens 4 jaar heeft bereikt (of, bij kinderen met een ontwikkelingsachterstand: een ontwikkelingsleeftijd van minstens 4 jaar). Een inadequate, inconsequente zindelijkheidstraining en psychosociale stress (zoals voor het eerst naar school gaan, de geboorte van een broertje of zusje) kunnen predisponerende factoren zijn. Er zijn twee beloopsvormen omschreven: een ‘primair’ type, waarbij de betrokkene nooit zindelijk voor ontlasting is geweest, en een ‘secundair’ type, waarbij de stoornis zich pas na een periode van zindelijkheid voor ontlasting ontwikkelt. Encopresis kan, met tussentijdse exacerbaties, jarenlang voortduren.