De productie van spraakklanken betreft de duidelijke articulatie van de fonemen (de individuele klanken) die samen de gesproken woorden vormen. De productie van spraakklanken vereist zowel fonologische kennis van spraakklanken als het vermogen om de bewegingen van de kaak, tong en lippen te coördineren, met ademhaling en stemvorming voor de spraak. Kinderen die moeite hebben met de spraakproductie kunnen in uiteenlopende mate problemen ervaren met de fonologische kennis van spraakklanken of het vermogen om de spraakbewegingen te coördineren. De classificatie spraakklankstoornis wordt toegekend als de productie van spraakklanken niet verloopt zoals kan worden verwacht op basis van de leeftijd en het ontwikkelingsstadium van het kind, en als de stoornissen niet het gevolg zijn van lichamelijke, structurele, neurologische of gehoorproblemen. Bij kinderen van 3 jaar die zich normaal ontwikkelen, moet de spraak in het algemeen verstaanbaar zijn, terwijl slechts 50% verstaanbaar hoeft te zijn als het kind 2 jaar is. Jongens hebben meer kans op een spraakklankstoornis dan meisjes (variërend van 1,5–1,8 op 1,0).