Neurocognitieve stoornis met lewylichaampjes (NCSLL) Het onderscheidend kenmerk van NCSLL en de NCS door de ziekte van Parkinson zijn de timing en de opeenvolging waarin de motorische en cognitieve symptomen optreden. De consensuscriteria voor lewylichaampjesdementie maken een onderscheid tussen NCSLL en de NCS door de ziekte van Parkinson door te specificeren dat de dementie alleen mag worden toegeschreven aan de ziekte van Parkinson wanneer deze laatste aandoening minstens één jaar aanwezig is geweest voordat de cognitieve achteruitgang het niveau van een uitgebreide NCS heeft bereikt, terwijl voor de classificatie NCSLL de cognitieve symptomen kunnen beginnen vóór, tijdens of in afwezigheid van parkinsonisme. De consensuscriteria van expertgroepen voor de ziekte van Parkinson stellen daarentegen voor dat de diagnose ziekte van Parkinson toch gesteld kan worden als de cognitieve achteruitgang vóór de vaststelling van een motorische aandoening optreedt; daardoor kan een clinicus de cognitieve achteruitgang dus aan de ziekte van Parkinson en aan een NCS door de ziekte van Parkinson toeschrijven. Een gevolg is dat de clinicus ervoor kan kiezen om de classificatie NCS door de ziekte van Parkinson of NCSLL toe te kennen aan mensen met een uitgebreide NCS die ofwel vóór of binnen twaalf maanden na de ziekte van Parkinson is begonnen. In deze omstandigheden besluit de clinicus welke classificatie het meest van toepassing is. Als de ziekte van Parkinson minstens één jaar voor het begin van de cognitieve symptomen is vastgesteld, dan is, volgens de criteria van de experts, de NCS door de ziekte van Parkinson in de regel de juiste classificatie. De timing en opeenvolging van parkinsonisme en een beperkte NCS kunnen bijzonder lastig te bepalen zijn, en voordat de volgorde van de klinische progressie duidelijk wordt, moet wellicht de classificatie ongespecificeerde NCS worden toegekend.
NCS door de ziekte van Alzheimer De motorische kenmerken zijn essentieel voor het onderscheid tussen een NCS door de ziekte van Parkinson versus een NCS door de ziekte van Alzheimer. De twee stoornissen kunnen echter ook samen voorkomen, en mensen bij wie met zekerheid de ziekte van Alzheimer is vastgesteld, kunnen licht parkinsonisme ontwikkelen.
Vasculaire neurocognitieve stoornis Er kan een vasculaire NCS zijn met parkinsonachtige kenmerken die zich kunnen voordoen als gevolg van een ziekte van de diffuse corticale of subcorticale kleine bloedvaten. De parkinsonachtige kenmerken zijn echter meestal niet voldoende voor de classificatie ziekte van Parkinson, en het beloop van de NCS hangt gewoonlijk sterk samen met cerebrovasculaire veranderingen.
Neurocognitieve stoornis door een andere somatische aandoening (zoals neurodegeneratieve stoornissen) Wanneer een classificatie NCS door de ziekte van Parkinson overwogen wordt, moet er ook onderscheid gemaakt worden met andere hersenaandoeningen, zoals progressieve supranucleaire parese, corticobasale degeneratie, multipele systeematrofie, tumoren, en hydrocefalie.
Parkinsonisme door antipsychotica (of andere dopaminereceptor-blokkerende medicatie) Parkinsonisme door antipsychotica (of andere dopaminereceptor-blokkerende medicatie) kan optreden bij mensen met andere neurocognitieve stoornissen, vooral wanneer antipsychotica zijn voorgeschreven voor het gedrag dat met dergelijke stoornissen gepaard gaat.