Intoxicatie door een ander (of onbekend) middel
Other (or unknown) substance intoxication
F19.0
CLASSIFICATIECRITERIA
AOntwikkeling van een reversibel middelspecifiek syndroom dat is toe te schrijven aan de recente inname van (of blootstelling aan) een middel dat niet elders is geclassificeerd of dat onbekend is.
BKlinisch significante problematische gedrags- of psychische veranderingen die zijn toe te schrijven aan het effect van het middel op het centrale zenuwstelsel (bijvoorbeeld motorische coördinatiestoornissen, psychomotorische agitatie of vertraging, euforie, angst, vijandigheid, labiele stemming, cognitieve beperkingen, verminderd oordeelsvermogen, sociale terugtrekking), ontstaan tijdens of kort na het gebruik van het middel.
CDe klachten of verschijnselen kunnen niet worden toegeschreven aan een somatische aandoening en kunnen niet beter worden verklaard door een andere psychische stoornis, waaronder intoxicatie door een ander middel.
→Specificeer indien:
Met perceptiestoornissen Deze specificatie is van toepassing indien er hallucinaties zijn met een intact realiteitsbesef, of indien er auditieve, visuele of tactiele illusoire vervalsingen optreden zonder een delirium.
NB Zie voor informatie over risico- en prognostische factoren, cultuur en classificatie, en diagnostische markers de betreffende subparagrafen bij de stoornis in het gebruik van een ander (of onbekend) middel.