Specifieke fobie

a Inclusie: Vereist is dat iemand gedurende minstens zes maanden een uitgesproken vrees, angst of vermijding vertoont, waarbij de volgende drie symptomen optreden.

i Specifieke vrees: Bent u bang voor een specifiek(e) object of situatie zoals vliegen, hoogte, een dier of iets anders? En is dit zo erg dat u zich meteen bang of angstig voelt als u eraan wordt blootgesteld? Welk object of welke situatie is dat bij u?

ii De vrees of angst wordt opgeroepen door blootstelling aan het object of de situatie: Heeft u als u dit tegenkomt onmiddellijk een bang of angstig gevoel? Vraag bij kinderen: Moet je huilen als je dit tegenkomt? Word je boos? Houd je je stevig aan je vader of moeder vast?

iii Vermijding: Merkt u dat u het ding of de situatie actief uit de weg gaat? Wat doet u dan bijvoorbeeld? Als u het niet kunt vermijden, voelt u zich dan heel bang?

b Exclusie: De vrees, angst en vermijding beperken zich niet tot objecten of situaties die met dwanggedachten, herinneringen aan traumatische gebeurtenissen, scheiding van thuis of hech­tings­per­so­nen, of met sociale situaties te maken hebben.

c Aanvullende kenmerken

i Specificaties

► Beschrijvend

► Dier

► Natuurlijke omgeving

► Bloed-injecties-verwonding

► Situationeel

► Overige

d Andere mogelijkheden

i Als iemand heel erg overstuur raakt wanneer hij wordt gescheiden van thuis of van een belangrijke hech­tings­per­soon, op een manier die niet bij de ont­wik­ke­lings­fa­se past; of voortdurend bang is dat deze hech­tings­per­soon iets overkomt of overlijdt, waardoor hij niet van huis of de belangrijke hech­tings­per­soon gescheiden wil worden, kunt u denken aan de se­pa­ra­tie­angst­stoor­nis. De stoornis begint voor de 18-jarige leeftijd. Om aan de clas­si­fi­ca­tie­cri­te­ria te voldoen dienen deze symptomen bij kinderen en adolescenten minstens vier weken aanwezig te zijn en bij volwassenen minstens zes maanden.

ii Als iemand gedurende minstens een maand stelselmatig in bepaalde sociale situaties niet spreekt, zodanig dat dit een negatieve invloed heeft op de prestaties op school of het werk, kunt u denken aan selectief mutisme. Kies niet voor deze classificatie als de stoornis wordt veroorzaakt door een gebrek aan kennis van of zich ongemakkelijk voelen over de gesproken taal. Kies niet voor deze classificatie als de stoornis beter kan worden verklaard door een com­mu­ni­ca­tie­stoor­nis, au­tis­me­s­pec­trum­stoor­nis of psychotische stoornis.

iii Als iemand meldt dat hij minstens zes maanden een duidelijke en bui­ten­pro­por­ti­o­ne­le vrees of angst heeft in situaties zoals reizen in het openbaar vervoer, zich in een open of juist afgesloten ruimte bevinden, in de rij of in een menigte staan of alleen buitenshuis zijn, en als hij vanwege deze angst die situaties actief vermijdt, kunt u denken aan agorafobie.

iv Als iemand meldt dat er minstens zes maanden sprake is van een duidelijk(e) vrees, angst of vermijden van sociale situaties, waarin hij vreest dat anderen hem zullen observeren of kritisch zullen beoordelen, en dit buiten proportie is ten opzichte van het werkelijke gevaar dat de sociale situatie met zich meebrengt, en de vrees, angst of vermijding klinisch significante lijdensdruk of beperkingen veroorzaken, kunt u denken aan de sociale-angststoornis (sociale fobie).

Deze site geniet auteursrechtelijke bescherming. Derhalve is afdrukken niet toegestaan.