Uitgebreide of beperkte neurocognitieve stoornis door een andere somatische aandoening
Major or mild neurocognitive disorder due to another medical condition
CLASSIFICATIECRITERIA
AEr wordt voldaan aan de criteria voor een uitgebreide of beperkte neurocognitieve stoornis.
BEr zijn aanwijzingen vanuit anamnese, lichamelijk onderzoek of laboratoriumuitslagen dat de neurocognitieve stoornis het pathofysiologische gevolg is van een andere somatische aandoening.
CDe cognitieve deficiënties kunnen niet beter worden verklaard door een andere psychische stoornis (zoals de depressieve stoornis) of een specifieke neurocognitieve stoornis (zoals de uitgebreide NCS door de ziekte van Alzheimer).
Coderingsaanwijzing
F02.8
Uitgebreide neurocognitieve stoornis door een andere somatische aandoening (codeer eerst de andere somatische aandoening, bijvoorbeeld G35 multiple sclerose; F02.8 uitgebreide neurocognitieve stoornis door multiple sclerose)
NB De ernstspecificaties (‘licht’, ‘matig’ en ‘ernstig’) en de specificaties ‘met gedragsstoornissen’ en ‘zonder gedragsstoornissen’ kunnen niet gecodeerd worden, maar moeten wel schriftelijk vermeld worden.
F06.7
Beperkte neurocognitieve stoornis door een andere somatische aandoening (gebruik geen extra code voor de andere somatische aandoening)
NB De specificaties ‘met gedragsstoornissen’ en ‘zonder gedragsstoornissen’ kunnen niet gecodeerd worden, maar moeten wel schriftelijk vermeld worden. Gebruik bij zowel de uitgebreide als de beperkte neurocognitieve stoornis door een andere somatische aandoening (een) extra code(s) om klinisch significante psychiatrische symptomen aan te duiden die door de andere somatische aandoening worden veroorzaakt (bijvoorbeeld F06.3 depressieve-stemmingsstoornis door multiple sclerose, met depressieve kenmerken).