Typische kenmerken van de antisociale-persoonlijkheidsstoornis zijn het onvermogen zich te conformeren aan de wet of zich verantwoordelijk te gedragen, en een egocentrisch, gevoelloos gebrek aan zorgzaamheid voor anderen, gepaard gaande met leugenachtigheid, onverantwoordelijkheid, manipulatie en/of risicovol gedrag. Karakteristieke moeilijkheden komen tot uiting in de identiteit, zelfsturing, empathie en/of intimiteit, zoals hierna beschreven, samengaand met specifieke maladaptieve persoonlijkheidstrekken in de domeinen antagonisme en ongeremdheid.
VOORSTEL VOOR CRITERIA
- Matige of ernstigere beperking in het persoonlijkheidsfunctioneren, zich manifesterend in karakteristieke moeilijkheden op twee of meer van de volgende vier terreinen:
- Identiteit Egocentriciteit; gevoel van eigenwaarde gevoed door persoonlijk gewin, macht of eraan beleefd genoegen.
- Zelfsturing Doelstellingen gericht op persoonlijke bevrediging; afwezigheid van prosociale verinnerlijkte normen, gepaard gaande met een onvermogen te voldoen aan wettelijke of cultureel bepaalde ethische normen voor gedrag.
- Empathie Veronachtzamen van de gevoelens, de behoeften of het lijden van anderen; het ontbreken van berouw na het kwetsen of onheus bejegenen van de ander.
- Intimiteit Onvermogen tot wederkerige intieme relaties, doordat exploitatie de primaire drijfveer is om zich tot anderen te verhouden, gepaard gaande met bedrog en onderdrukking; domineren of intimideren om grip te houden op anderen.
- Zes of meer van de volgende zeven pathologische persoonlijkheidstrekken:
- Manipulatief gedrag (een facet van antagonisme): Frequent gebruikmaken van uitvluchten om anderen te beïnvloeden of te beheersen; gebruikmaken van verleiding, charme, welbespraaktheid of gevlij om doelen te bereiken
- Ongevoeligheid (een facet van antagonisme): Gebrek aan betrokkenheid bij de gevoelens of problemen van anderen; geen schuldbesef of berouw over de negatieve of schadelijke effecten van het eigen gedrag op anderen; agressie, sadisme.
- Leugenachtigheid (een facet van antagonisme): Oneerlijkheid en bedrog; een verkeerd beeld van zichzelf schetsen; bij vertellen over gebeurtenissen het verhaal mooier maken of er dingen bij verzinnen.
- Vijandigheid (een facet van antagonisme): Persisterende of frequent optredende gevoelens van boosheid; ontstemdheid of prikkelbaarheid als reactie op kleine blijken van geringschatting en beledigingen; gemeen, hatelijk of wraakzuchtig gedrag.
- Riskant gedrag (een facet van ongeremdheid): Deelname aan gevaarlijke, riskante activiteiten die de betrokkene kunnen schaden en die onnodig zijn, zonder rekening te houden met de gevolgen; snel verveeld zijn en activiteiten ondernemen om verveling tegen te gaan; geen oog hebben voor de eigen beperkingen, en het ontkennen van reële gevaren voor personen.
- Impulsiviteit (een facet van ongeremdheid): In een opwelling handelen als reactie op een onmiddellijke stimulus; plotseling en snel handelen zonder plan of zonder rekening te houden met de gevolgen; moeite met het maken en uitvoeren van plannen.
- Onverantwoordelijk gedrag (een facet van ongeremdheid): Onverschillige houding tegenover financiële en andere verplichtingen — en deze ook niet erkennen — ; gebrek aan respect voor afspraken en beloftes — en zich er niet aan houden.
NB De betrokkene is minstens 18 jaar oud.
→ Specificeer indien:
Met psychopathische kenmerken