Let op: deze stoornis is opgenomen in Deel III van de DSM-5-TR en is dus nog geen officiële stoornis.

De prevalentie van depressieve episoden met kortdurende hypomanie is nog onduidelijk, aangezien er nog geen epi­de­mi­o­lo­gi­sche onderzoeken zijn gepubliceerd die met de DSM-5-definitie zijn uitgevoerd. Bij gebruik van iets afwijkende criteria (subklinische hypomanie volgens een van de volgende criteria: een duur korter dan vier dagen of minder dan drie symptomen uit criterium B) wordt geschat dat de depressieve stoornis met subklinische kortdurende hypomanie bij tot 6,7% van de Amerikaanse bevolking voorkomt; een percentage dat hoger is dan dat bij de bipolaire-I- of -II-stoornis. In klinische settings die in verschillende landen zijn bestudeerd, komen depressieve episoden met kortdurende hypomanie echter ongeveer een kwart zo vaak voor als depressieve episoden met hypomanie van volledige duur. Depressieve episoden met kortdurende hypomanie kunnen vaker voorkomen bij vrouwen, die soms meer kenmerken van atypische depressiviteit laten zien.

Deze site geniet auteursrechtelijke bescherming. Derhalve is afdrukken niet toegestaan.