Let op: deze stoornis is opgenomen in Deel III van de DSM-5-TR en is dus nog geen officiële stoornis.

De groep mensen met de diagnose vermijdende-per­soon­lijk­heids­stoor­nis is zeer heterogeen wat betreft bijkomende per­soon­lijk­heids­trek­ken. Specificaties van per­soon­lijk­heids­trek­ken en van het per­soon­lijk­heids­func­ti­o­ne­ren kunnen gebruikt worden om aanvullende per­soon­lijk­heids­ken­mer­ken te registreren die aanwezig kunnen zijn bij een vermijdende-per­soon­lijk­heids­stoor­nis. Bijvoorbeeld: facetten van negatieve affectiviteit (zoals depressiviteit, gevoeligheid voor verlating, onderdanigheid, achterdocht, vijandigheid) zijn weliswaar geen clas­si­fi­ca­tie­cri­te­ria voor de vermijdende-per­soon­lijk­heids­stoor­nis (zie criterium B), maar deze per­soon­lijk­heids­trek­ken kunnen wel worden gespecificeerd, indien ze van toepassing zijn. Een matige of ernstigere beperking in het per­soon­lijk­heids­func­ti­o­ne­ren is vereist voor de classificatie vermijdende-per­soon­lijk­heids­stoor­nis (criterium A), maar daarnaast kan ook het niveau van per­soon­lijk­heids­func­ti­o­ne­ren worden gespecificeerd.

Deze site geniet auteursrechtelijke bescherming. Derhalve is afdrukken niet toegestaan.