Psychische stoornis door een somatische aandoening
Heeft als kenmerk een chronologisch verband tussen de symptomen van een psychische stoornis en die van een somatische aandoening, maar het causale verband is precies andersom. Bij een psychische stoornis door een somatische aandoening wordt geoordeeld dat de somatische aandoening de psychische stoornis veroorzaakt via een direct fysiologisch mechanisme, terwijl bij ‘psychische factoren die somatische aandoeningen beïnvloeden’ wordt geoordeeld dat de psychische of gedragsfactoren het beloop van de somatische aandoening beïnvloeden.
Aanpassingsstoornis
Heeft als mogelijk kenmerk een klinisch significante psychische reactie op een somatische aandoening als aanwijsbare stressor. Bijvoorbeeld, voor iemand met angina pectoris die maladaptieve anticipatieangst ontwikkelt, zou de classificatie ‘aanpassingsstoornis met angst’ gelden, maar voor iemand met angina pectoris die steeds als hij in woede ontsteekt klachten krijgt, zou ‘psychische factoren die somatische aandoeningen beïnvloeden’ de juiste classificatie zijn.
Psychische stoornis die een negatieve invloed heeft op een somatische aandoening of deze veroorzaakt
Symptomen die volledig voldoen aan de criteria voor een psychische stoornis kunnen leiden tot somatische complicaties. Dit geldt vooral voor stoornissen in het gebruik van een middel (bijvoorbeeld een ernstige stoornis in alcoholgebruik of tabaksgebruik). Als iemand een psychische stoornis heeft die een ongunstige invloed heeft op een somatische aandoening of deze zelfs veroorzaakt, worden zowel de classificatie van die psychische aandoening als die van de somatische aandoening toegekend. De classificatie ‘psychische factoren die somatische aandoeningen beïnvloeden’ wordt gebruikt als de psychische kenmerken of het gedrag niet voldoen aan de criteria voor een psychische stoornis.
Somatisch-symptoomstoornis
Heeft als kenmerk een combinatie van lichamelijke klachten waar iemand erg onder lijdt en overmatige of maladaptieve gedachten, gevoelens en gedragingen in reactie op deze klachten, waarbij de nadruk ligt op deze maladaptieve gedachten, gevoelens en gedragingen (zoals bij een man met angina pectoris die zich constant zorgen maakt dat hij een hartaanval krijgt, meerdere malen per dag zijn bloeddruk opmeet en minder actief wordt). Bij ‘psychische factoren die somatische aandoeningen beïnvloeden’ ligt de nadruk op het verergeren van de somatische aandoening (zoals bij een man met angina pectoris die iedere keer dat hij angstig wordt klachten krijgt).
Ziekteangststoornis
Heeft als kenmerk een hoge mate van ziekteangst waar iemand erg onder lijdt of die zijn of haar dagelijkse leven verstoort, waarbij geen of alleen minimale lichamelijke klachten aanwezig zijn. Bij ‘psychische factoren die somatische aandoeningen beïnvloeden’ kan angst een relevante psychische factor zijn die een somatische aandoening beïnvloedt, maar gaat de aandacht van de clinicus vooral uit naar de ongunstige effecten op de somatische aandoening.