Gokken
Silvia Bernardi, MD; Carlos Blanco, PhD
Bespreking
De heer Zaman is gepreoccupeerd bezig met gokken, vertoont een recidiverend patroon van pogingen om verloren bedragen terug te winnen en gokt de laatste tijd met steeds hogere bedragen. Tegen zijn vrouw liegt hij over zijn verliezen, en hij heeft zijn huwelijk en baan in gevaar gebracht. Patiënt vertoont minstens vijf van de negen DSM-5-criteria voor de gokstoornis (voor het toekennen van de classificatie dienen vier van de negen criteria aanwezig te zijn).
Wanneer excessief gokken voorkomt als onderdeel van een manische episode, wordt de classificatie gokstoornis niet toegekend. Als de manische episode de hoofdclassificatie is, is de patiënt over het algemeen geneigd om te gokken terwijl hij in een toestand van opwinding en een opgeblazen gevoel van eigenwaarde verkeert en vertoont hij ook andere symptomen van een bipolaire-stemmingsstoornis, zoals een verhoogd energieniveau en een afgenomen slaapbehoefte. Wanneer het gokken wordt gebruikt als een maladaptief copingmechanisme, wordt het gokgedrag meestal gezien op momenten van een negatieve stemmingstoestand, zoals angst en depressiviteit. De clinicus dient ook te bedenken dat er als gevolg van het verliezen bij gokken stemmingsepisoden kunnen optreden; meestal is dat dan een aanpassingsstoornis, maar een comorbide depressieve-stemmingsstoornis en manie of hypomanie zijn ook mogelijk. Wat de voornaamste stoornis is, kan in dat soort gevallen worden vastgesteld door de temporele relatie tussen de symptomen onderling en de intensiteit van die symptomen vast te stellen. In deze casus antwoordde patiënt ontkennend op alle vragen naar specifiek manische symptomen.
Patiënt is enigszins ongewoon, omdat hij ontkennend antwoordt op alle vragen naar psychiatrische comorbiditeit. De meeste mensen met een gokstoornis hebben daarnaast een stoornis in het gebruik van een middel, een persoonlijkheidsstoornis, een stemmingsstoornis en/of een angststoornis. Aangezien nauwgezet onderzoek naar comorbiditeit van essentieel belang is voor de beslissingen aangaande de behandeling, is het raadzaam dat de clinicus nagaat of patiënt zijn eventuele andere symptomen mogelijk bagatelliseert.
Wel kenmerkend voor mensen met de gokstoornis is dat de vader van patiënt ook een gokker was. Veel mensen met een gokstoornis vertellen dat zij eerstegraadsfamilieleden hebben die ook gokken, al is niet duidelijk in hoeverre het gokgedrag is aangeleerd of erfelijk is overgedragen.