Suïcidale preoccupaties

    Maria A. Oquendo, MD

    Bespreking

    Odette Jacobs’ actuele beeld is een depressieve stoornis, die wordt gekenmerkt door een sombere stemming, anhedonie, insomnia, anergie, psy­cho­mo­to­ri­sche vertraging, bovenmatige schuldgevoelens en recidiverende gedachten over suïcide. De symptomen veroorzaken een significante lijdensdruk en beperkingen en hebben waarschijnlijk drie maanden aangehouden, ruimschoots meer dan de twee weken die zijn vereist volgens de DSM-5-classificatie depressieve stoornis.

    Naast de behandeling voor haar depressieve symptomen, is zij ook behandeld voor de bipolaire-II-stoornis, die gekenmerkt wordt door symptomen van een depressieve stoornis en van een hypomanie. Volgens de anamnese heeft zij meerdere, vijf dagen durende perioden doorgemaakt waarin sprake was van een verhoogd energieniveau, spreekdrang, een toegenomen creativiteit en productiviteit en een verminderde behoefte aan slaap. Deze kenmerken komen over- een met de definitie van een hypomanische episode. Naast deze symptomen had patiënte echter ook kortstondig de overtuiging dat haar vrienden zich tegen haar hadden gekeerd en dat ze in werkelijkheid geen vrienden waren. Als deze symptomen van achterdocht als psychotisch worden beschouwd, komt zij in aanmerking voor de classificatie bipolaire-I-stoornis. In dit geval lijkt de achterdocht eerder een overwaardig idee dan een werkelijke waan, maar het is belangrijk om het realiteitsbesef van patiënte zorgvuldig te beoordelen.

    De aandoening is in de late tienerjaren van patiënte begonnen. De gemiddelde beginleeftijd van de bipolaire-stem­mings­stoor­nis­sen is rond de 25 jaar; de eerste symptomen treden meestal op tussen de leeftijd van 15 en 30 jaar. Een vroeg begin van de stoornis kan erop wijzen dat de aandoening ernstiger is, en ondanks dat patiënte vaak heel goed heeft gefunctioneerd, heeft zij al voor de leeftijd van 22 jaar meerdere, zowel depressieve als hypomanische, episoden doorgemaakt.

    Patiënte heeft ook alcohol- en ma­ri­hu­a­na­ge­bruik in haar voor­ge­schie­de­nis, waarvan ze zegt dat deze een ‘kalmerend effect’ hebben. Over haar middelengebruik is te weinig bekend, maar bij de helft van de mensen die voldoen aan de criteria voor een bipolaire-stem­mings­stoor­nis, is sprake van een comorbide stoornis in alcoholgebruik of in het gebruik van een middel. Beide middelen kunnen, uiteraard, op zichzelf een probleem vormen, maar één van deze middelen kan ook als trigger hebben gefungeerd voor de eerste stem­mings­symp­to­men. Ze heeft beide middelen echter niet meer gebruikt sinds ze drie maanden geleden depressief werd en om te mogen aannemen dat haar stem­mings­stoor­nis ‘door een middel’ werd veroorzaakt, mogen de stem­mings­symp­to­men niet langer dan een maand na het staken van zowel de alcohol als de marihuana aanhouden. Met andere woorden: ongeacht de vraag of de middelen aanvankelijk een luxerende rol hebben gespeeld, treedt de bipolaire-II-stoornis van patiënte nu zelfstandig op.

    Ook angst­stoor­nis­sen zijn vaak comorbide bij bipolaire-stem­mings­stoor­nis­sen. Patiënte vertelt dat marihuana en alcohol een ‘kalmerend effect’ hadden, wat mogelijk een aanwijzing is voor een nog niet herkende angst. Later kreeg zij ook episoden met de­per­so­na­li­sa­tie en paniekaanvallen, die haar uit haar doen brachten. In afwachting van meer informatie is de classificatie on­ge­spe­ci­fi­ceer­de angststoornis mogelijk op zijn plaats.

    Ook een borderline-per­soon­lijk­heids­stoor­nis (BPS) is vaak comorbide bij een vroeg begin van een bipolaire-stem­mings­stoor­nis, met name bij de bipolaire-II-stoornis. Bij patiënte kunnen de de­per­so­na­li­sa­tie, het gevoel van leegheid, het middelengebruik, de niet-suïcidale zelf­be­scha­di­ging en de preoccupatie met su­ï­ci­de­ge­dach­ten als symptomen van BPS worden opgevat. Aan de andere kant is er geen sprake van impulsiviteit (behalve dan de automutilatie en het misbruik van middelen), stem­mings­in­sta­bi­li­teit buiten de episoden om, derealisatie, een iden­ti­teits­stoor­nis of de angst te worden verlaten. Hoewel een per­soon­lijk­heids­stoor­nis niet helemaal kan worden uitgesloten, voldoet patiënte momenteel niet aan de criteria voor BPS. De overlappende symptomen zijn mogelijk te wijten aan haar angst en aan de bipolaire-stem­mings­stoor­nis.

    De su­ï­ci­de­ge­dach­ten van Odette Jacobs zijn zorgwekkend. Bipolaire-stem­mings­stoor­nis­sen kennen van alle psychiatrische stoornissen het hoogste aantal suïcides, en 25% van alle geslaagde suïcides zijn aan deze stoornissen te wijten. Hoewel ongeveer een derde van alle mensen met een bipolaire-stem­mings­stoor­nis ten minste één suïcidepoging heeft ondernomen, pleegt 8–20% van de bipolaire patiënten ook werkelijk suïcide; dit percentage is voor de bipolaire-II-stoornis mogelijk zelfs nog hoger dan voor de bipolaire-I-stoornis. Het is moeilijk te voorspellen welke patiënt zijn su­ï­ci­de­ge­dach­ten ten uitvoer zal brengen, maar er is een verband aangetoond met een vroeg begin, eerste episoden die depressief zijn, een familieanamnese met suïcide en agressief of impulsief gedrag. Gezien de classificatie van patiënte en haar su­ï­ci­de­ge­dach­ten, is haar actuele suïciderisico te beschouwen als hoog.

    Deze site geniet auteursrechtelijke bescherming. Derhalve is afdrukken niet toegestaan.