Hoofdlijnen bij de classificatie
Hoofdlijnen bij de classificatie
► Slechts een minderheid van de stoornissen in de zindelijkheid kan worden herleid tot een onderliggende anatomische afwijking, malabsorptiesyndroom, endocrien probleem of neurologische aandoening. Desondanks is een somatisch onderzoek een cruciaal onderdeel van het onderzoek.
► Kinderen zijn doorgaans eerder zindelijk voor ontlasting dan voor urine, en van hen wordt verwacht dat zij tegen de leeftijd van 4 jaar (of een gelijkwaardig ontwikkelingsniveau) consistent het toilet gebruiken om hun darmen te legen.
► Encopresis nocturna is een zeldzame aandoening die in het algemeen samenhangt met incontinentieoverloop als gevolg van obstipatie; de meeste gevallen van encopresis treden overdag op.
► Kinderen met ADHD hebben ongeveer 30% meer kans op enuresis. Deze grotere kans is waarschijnlijk eerder gerelateerd aan een neurochemisch effect dan aan onoplettendheid of impulsiviteit.
► Enuresis nocturna kan worden vastgesteld op basis van de anamnese, een lichamelijk onderzoek en een urineonderzoek. Er is geen aanvullend onderzoek nodig als er geen afwijkingen zijn, maar bij terugkerende infecties zijn aanvullende tests mogelijk wel nodig.
► Incontinentie overdag (enuresis diurna) kan worden gekarakteriseerd als een probleem van de opslag van de urine of van het legen van de blaas. Naast een zorgvuldige anamnese en een lichamelijk onderzoek zou bij kinderen ook een urineonderzoek, urinekweek, blaasechografie en uroflowtest moeten worden gedaan.