Hoofdlijnen bij de classificatie
Hoofdlijnen bij de classificatie
► Neurocognitieve stoornissen leiden tot een achteruitgang in het cognitieve functioneren ten opzichte van een eerder niveau. Deze stoornissen verschillen van verstandelijke beperkingen, die vanaf de geboorte of vanaf een zeer jonge leeftijd aanwezig zijn.
► Een delirium treedt op wanneer een somatische aandoening interfereert met de werking van de hersenen, waardoor symptomen van desoriëntatie en cognitieve beperkingen ontstaan.
► Zowel bij een uitgebreide als bij een beperkte NCS gaat het om beperkingen in één of meer cognitieve domeinen (maar bij een NCS door de ziekte van Alzheimer zijn twee of meer domeinen vereist). Bij een uitgebreide NCS hebben de aanzienlijke cognitieve beperkingen invloed op de zelfstandigheid in het dagelijkse functioneren. Bij een beperkte NCS zijn de lichte cognitieve beperkingen niet van invloed op de zelfstandigheid in het dagelijkse functioneren.
► De beste manier om de belangrijkste symptomen van neurocognitieve stoornissen (i.e., cognitieve beperkingen) vast te stellen is door middel van cognitieve tests. De zelfrapportage van cognitieve beperkingen door een patiënt is niet voldoende voor een classificatie. Bovendien belet de aard van sommige neurocognitieve stoornissen vaak dat de patiënt zich bewust is van de aanwezigheid van een stoornis.
► In tegenstelling tot andere psychiatrische stoornissen moet de classificatie worden gezien als een combinatie van een syndroom (de neurocognitieve stoornis) en de waarschijnlijke neurologische oorzaak ervan (bijvoorbeeld de ziekte van Alzheimer of traumatisch hersenletsel).
► De ziekte van Alzheimer is de meest voorkomende oorzaak van een degeneratieve NCS.
► Een NCS door traumatisch hersenletsel kan zich op elke leeftijd ontwikkelen, terwijl de andere neurocognitieve stoornissen het vaakst voorkomen bij ouderen.
► Om ervoor te zorgen dat behandelbare oorzaken van cognitieve disfunctie worden overwogen, dienen cognitieve beperkingen bij ouderen te worden beschouwd als het gevolg van een delirium tot het tegendeel wordt bewezen.
► De hallucinaties bij een delirium en bij een NCS met lewylichaampjes zijn meestal visueel van aard, terwijl de hallucinaties bij schizofrenie vaker auditief zijn. Bij elk van deze stoornissen kunnen echter hallucinaties in andere modaliteiten optreden.